bartcaron.be

Mestverwerking in West-Vlaanderen

Ingediend op juni 5th, 2008 door bartcaron

Schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Bart Caron aan mevrouw Hilde Crevits, Vlaams minister van Openbare Werken, Energie, Leefmilieu en Natuur over de inplanting van mestverwerkingsinstallaties.

 

Sinds 1 januari 2007 is het nieuwe mestdecreet in werking als oplossing voor de strengere Europese regels voor bemesting.  In dit decreet wordt mestverwerking naar  voor geschoven als een belangrijke oplossing voor het wegwerken van het mestoverschot. Het richtkader voor de inplanting van installaties voor mestbehandeling en vergisting in Vlaanderen is de omzendbrief RO/2006/01. In deze omzendbrief wordt gesteld dat de inplanting van een mestverwerkingsinstallatie in agrarisch gebeid kan, mits rekening te houden met de voorwaarden inzake de ruimtelijke ordening, het mobiliteitsaspect en het inputmateriaal (stromen niet afkomstig van land- en tuinbouw mogen tot 40% van het geheel uitmaken).

 

West-Vlaanderen zorgt intussen voor 64% van de mestverwerking in Vlaanderen, terwijl de provincie maar verantwoordelijk is voor 42% van de mestproductie. Dit toont aan de vergunningen niet steeds op een doordachte manier zijn toegekend.

De verwerking gebeurt in industriële installaties die ingeplant zijn in agrarisch gebied. Dit agrarisch gebied ligt soms rond woonkernen en heeft geen transportinfrastructuur en veiligheidsvoorzieningen voor deze industriële activiteiten. Het transport gebeurt soms op landelijke wegen met overlast en geurhinder voor de omwonenden tot gevolg.

 

Er waren plannen om de Omzendbrief RO/2006/01 te laten evalueren door een werkgroep.

 

Daarom volgende vragen aan de minister:

  1. Zijn er al resultaten van de kritische evaluatie van de omzendbrief RO/2006/01?
  2. Hoeveel mestinstallaties hebben een vergunning gekregen in agrarisch gebied?
  3. Zijn er plannen om het toekennen van een vergunning aan strengere en duidelijkere regels te onderwerpen?

 

Antwoord minister Crevits:

 

1.            De omzendbrief RO/2006/01 “afwegingskader en randvoorwaarden voor de inplanting van installaties voor mestbehandeling en vergisting”, werd goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 19 mei 2006.

 

       Deze omzendbrief werd inderdaad uitgewerkt om een richtkader aan te reiken aan de exploitant, de omgeving en de betrokken administraties inzake de inplanting van mestverwerkings-en vergistingsinstallaties in agrarisch gebied.
       Het Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking (VCM vzw) heeft input en ondersteuning gegeven bij de opmaak en evaluatie van de omzendbrief RO/2006/01. Zo werd in maart 2007 binnen een VCM-werkgroep al een eerste evaluatie van de omzendbrief uitgevoerd, in overleg met mijn Kabinet en die van mijn collega’s van Ruimtelijke Ordening en Landbouw en de bevoegde administraties. Het resultaat werd neergeschreven in de VCM-nota ‘Evaluatie omzendbrief RO/2006/01’ (april 2007).
       Om de inplantingsproblematiek te kunnen objectiveren heb ik het VCM in februari 2008 gevraagd een actuele interne nota op te stellen met betrekking tot de inplanting van mestverwerking.
       Hier volgen de voornaamste conclusies:
       aanvullend op de huidige voorwaarden in de omzendbrief kan overwogen worden om bepaalde aspecten – al dan niet dossiermatig – te verfijnen. Mogelijkheden zijn het opleggen van een verplicht percentage mest en bijkomende aandacht geven aan de landschappelijke inkleding, het beheer van de installatie en het mobiliteitsaspect.
       De omzendbrief RO/2006/01 blijft vandaag een goed richtkader voor de inplanting van installaties voor mestbehandeling of vergisting in agrarisch gebied. De juridische draagkracht is wel te beperkt en verschillende interpretaties zijn al vastgesteld. Zo zijn bv. het begrip ‘bedrijfsgebondenheid’ en het opleggen van een 10-km zone niet relevant. Eveneens zal een eventuele verlaging van de maximaal toegelaten capaciteit van 60.000 ton in agrarisch gebied de maatschappelijke aanvaarding niet vergroten.
       Inplanting op bedrijventerreinen blijkt geen haalbaar alternatief te zijn. Op vandaag zijn er immers weinig of geen terreinen beschikbaar en een bijkomende afbakening neemt minimum 2 à 3 jaar in beslag. Bovendien resulteren zowel de afbakening van dergelijke bedrijventerreinen als de concrete inplanting van de installaties zelf  meestal in bezwaren vanuit de omgeving (omwonenden en lokale overheden).
       Graag vestig ik er uw aandacht op dat volgens bovengenoemde VCM-nota meer dan 70% van de milieuvergunningsaanvragen (sinds begin 2007) in eerste aanleg vergund zijn zonder dat er nadien nog een beroep is ingesteld. Meer dan 74% van de operationele installaties ontvingen nog nooit een klacht of PV.

       Ik beschouw deze nota als een belangrijke stap in een grondige evaluatie van de meest geschikte inplantingsplaatsen voor mestverwerkingsinstallaties in Vlaanderen. Zoals ik reeds vermeld heb in mijn antwoord op een schriftelijke vraag van mevrouw Tinne Rombouts over hetzelfde onderwerp, is het mijn bedoeling om de nota spoedig verder te bespreken met mijn collega’s van Ruimtelijke Ordening en Landbouw en met de betrokken administraties en sectoren.

       We mogen niet vergeten dat mestverwerking broodnodig blijft om de doelstellingen van de Europese nitraatrichtlijn te halen. Ik pleit er wel sterk voor dat er steeds gestreefd wordt naar een maximale ruimtelijke inpasbaarheid en naar een uitgebreide en actieve communicatie met de buurtbewoners en de betrokken administraties.  Want vele praktische problemen lijken mij eerder aan het ontbreken van een plaatselijk draagvlak, dan aan de omzendbrief zelf gelegen te zijn.

 

       Een actualisatie van de omzendbrief is op dit ogenblik dan ook voorlopig niet aangewezen. 

2.            In mijn antwoord op de vraag nr. 453 van mevr. Tinne Rombouts heb ik een uitgebreid overzicht gegeven van het aantal mestverwerkings- en mestbewerkingsinstallaties dat de afgelopen vijf jaar een milieuvergunning aangevraagd en gekregen hebben. Ik wil dan ook voor meer details verwijzen naar mijn antwoord op deze vraag.
       Volgens gegevens in het ‘Voortgangsrapport 2007’ van de Mestbank zijn er voor 317 mestverwerkingsinstallaties vergunningen verleend in Vlaanderen:
– 205 in West-Vlaanderen;
– 57 in Oost-Vlaanderen;
– 38 in Antwerpen;
– 11 in Limburg;
– 6 in Vlaams-Brabant.
       Deze zijn te vinden op de website van de VLM.
       (http://www.vlm.be/SiteCollectionDocuments/Publicaties/mestbank/07voortgangsrapport.pdf)
       Om een idee te krijgen welke installaties zich bevinden in het agrarisch gebied kan ik verwijzen naar de ge
gevens van de recentste VCM-enquête (juli 2006 – juni 2007), waaruit blijkt dat er momenteel 135 mestverwerkingsinstallaties operationeel zijn. Daarnaast zijn er, aldus het VCM, volgens de meest recente cijfers 45 nieuwe installaties vergund (milieuvergunning). Dit brengt het totaal van operationele installaties plus deze die in de pipeline zitten op 180. Hiervan zijn er 166 in agrarisch gebied gelegen. De overige 14 bevinden zich op bedrijventerreinen.
       Onderverdeeld per provincie betekent dit:
–  West-Vlaanderen: 111 installaties waarvan 86 operationeel (103 in agrarisch gebied en 8 op een bedrijventerrein);
–  Oost-Vlaanderen: totaal 23 waarvan 16 operationeel (21 in agrarisch gebied en 2 op een bedrijventerrein);
–  Antwerpen: totaal 33 waarvan 24 operationeel (32 in agrarisch gebied en 1 op een bedrijventerrein);
–  Limburg: totaal 11 waarvan 8 operationeel (8 in agrarisch gebied en 3 op een bedrijventerrein);
–  Vlaams-Brabant: totaal 2 waarvan 1 operationeel (2 in agrarisch gebied en 0 op een bedrijventerrein).
       In de inleiding van de vraagstelling werd vermeld dat West – Vlaanderen 42% van de mestproductie van Vlaanderen meebrengt, maar wel zorgt voor 64% van de mestverwerking in Vlaanderen, dus verhoudingsgewijze meer dan  de andere provincies.
       Wanneer we dit toetsen aan het beschikbare cijfermateriaal uit het Voortgangsrapport 2007 van de Mestbank en uit de VCM-enquête lijkt de trend per provincie enigszins anders te liggen.
       Het aandeel van West-Vlaanderen in de mestproductie bedraagt 42% en in de operationele verwerkingscapaciteit 42%.
       Voor Oost-Vlaanderen bedraagt dit respectievelijk 23,2% productie en 21,3% verwerkingscapaciteit.
       Voor Antwerpen bedraagt dit respectievelijk 19,0% productie en 6,1% verwerkingscapaciteit.
       Voor Limburg bedraagt dit respectievelijk 9,7% productie en 30,6% verwerkingscapaciteit.
       Voor Vlaams-Brabant bedraagt dit respectievelijk 6,1% productie en 0% verwerkingscapaciteit.

3.            Zoals reeds blijkt uit de hiervoor vermelde VCM-enquête is het aantal klachten bij operationele installaties zeer beperkt. 75% van de klachten betrof slechts 2 bedrijven, voornamelijk in verband met geurhinder. Minder dan 2% van de klachten resulteerde in de opmaak van een proces-verbaal door de Milieu-inspectie omwille van geur. Bij meerdere installaties kunnen de geurklachten in verband gebracht worden met problemen die vooral voorkomen tijdens de opstartfase van installaties. Dit is niet verwonderlijk. De voorwaarden die opgelegd worden bij mestverwerkingsinstallaties zijn uitgebreid. Vooreerst zijn er de algemene milieuvoorwaarden van Vlarem II die gelden voor alle bedrijven. Verder zijn er uitgebreide voorwaarden voor de verschillende vormen van mestverwerking die gesteund zijn op de VITO-BBT-studie “Beste Beschikbare Technieken voor mestverwerking”.

       Geval per geval worden daarnaast de milieuvergunningsaanvragen onderzocht door diverse instanties, meestal volgens de procedure klasse 1.

       De afdeling Milieuvergunningen geeft een milieutechnisch advies. De afdeling Ruimtelijke Ordening van het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed, geeft eveneens advies inzake de verenigbaarheid met de goede ruimtelijke ordening en de bestemmingsplannen. Het Schepencollege van de gemeente waar de inrichting wordt ingeplant geeft een advies en er gebeurt een openbaar onderzoek.

       De adviezen worden gezamenlijk beoordeeld in de provinciale milieuvergunningscommissie en door de deputatie wordt de vergunning in eerste aanleg al of niet toegekend. Tegen deze beslissing staat zowel voor de omwonenden als de exploitant een administratief beroep open bij mijn ambt. Ingeval van beroep wordt de aanvraag zowel milieutechnisch als op het vlak van verenigbaarheid met voorschriften van de plannen van aanleg of ruimtelijke uitvoeringsplannen opnieuw onderzocht.  Wat dit laatste betreft, moet een nieuwe inplanting van een mestverwerkingsinstallatie op een ruimtelijk verantwoorde manier gebeuren.

       In de milieuvergunning kunnen bijzondere voorwaarden worden opgelegd, dit om rekening te houden met specifieke technische kenmerken van de mestverwerkingsinstallaties en andere lokale omstandigheden. De aanpak is identiek aan deze van andere hinderlijke bedrijven en tot nu toe lijkt deze aanpak goed te werken. Behoudens wat verfijning dringt een wijzigende aanpak zich momenteel niet op.  De huidige regelgeving tot het bekomen van een stedenbouwkundige- of milieuvergunning bieden voldoende garantie dat dit op een doordachte manier gebeurt.  De omzendbrief biedt daarbij een duidelijk richtkader.

 

 


schriftelijke vraag omtrent het VIOE

Ingediend op juni 5th, 2008 door bartcaron

Schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Bart Caron aan de heer Dirk Van Mechelen, Vlaams Minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening betreffende Het Vlaams Instituut voor Onroerend Erfgoed.

Sinds januari 2008 voert het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed in Stene archeologisch onderzoek uit op de terreinen tussen de Prins Roselaan en de Steense Dijk. De aanleiding hiervan is een geplande verkaveling.
Het onderzoek moet vermijden dat de archeologische resten door de nieuwbouwplannen aangetast of vernietigd zouden worden zonder dat ze eerst onderzocht en gedocumenteerd zijn.
Momenteel is het echter zo dat heel vaak dat zo’n archeologisch onderzoek gebeurd door priv

Ingediend onder schriftelijke vragen Reacties uitgeschakeld voor schriftelijke vraag omtrent het VIOE

R8

Ingediend op april 23rd, 2008 door bartcaron

Schriftelijk vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Bart Caron aan mevrouw Hilde Crevits, Vlaams minister van Openbare Werken, Energie, Leefmilieu en Natuur over de onafgewerkte passages op de R8 rond Kortrijk

De R8 wordt na dertig jaar nog altijd gekenmerkt door een aantal voorlopige en onafgewerkte passages. Vervelend omdat het verkeer blijft toenemen.

E

Ingediend onder schriftelijke vragen Reacties uitgeschakeld voor R8

Veiligheid fietsers

Ingediend op februari 21st, 2008 door bartcaron

N391 Zwevegem   –   Veiligheid fietsers

Er is een onveilige situatie voor fietsers aan de expresweg van Zwevegem. Het gaat om de plaats waar het nieuwe fietspad op de oude spoorwegbedding, de expresweg dwarst.

Deze expresweg is een soort ringweg rond Zwevegem om het verkeer richting Avelgem uit de dorps-kern te weren. Die weg zal nog drukker worden

Ingediend onder schriftelijke vragen Reacties uitgeschakeld voor Veiligheid fietsers

N8 Kerkhove (Avelgem)  Heraanleg

Ingediend op februari 21st, 2008 door bartcaron

N8 Kerkhove (Avelgem)   –   Heraanleg

Na jarenlang wachten, is de heraanleg van de doortocht door de dorpskern van Avelgem (Oudenaarde-steenweg) voorzien in de Vlaamse begroting. Daarnaast voorziet het Vlaams Gewest 800.000 euro voor het structurele onderhoud van de Oudenaardsesteenweg in de Avelgemse deelgemeenten Kerk-hove en Waarmaarde. De werken aan de doortocht van de N8 zijn intussen sinds maandag 6 augustus 2007 gestart. Het einde van de werken is voorzien voor ten laatste half mei 2008.

Op een vraag van collega Carl Decaluwe antwoordde de minister dat het Vlaams Gewest 800.000 euro voorziet voor het structurele onderhoud van de Oudenaardsesteenweg in de Avelgemse deelgemeenten Kerkhove en Waarmaarde en dat het wegdek volledig vervangen zal worden door een nieuwe verhar-ding. Deze werken moeten aansluiten op de doortocht van de N8 in Avelgem, waarvan de werken dus begonnen zijn begin augustus 2007.

Maar naast Avelgem (en Rugge) zelf loopt de Oudenaardsesteenweg, op Avelgems grondgebied, ook door Waarmaarde en Kerkhove. En net daar wringt het schoentje, want het enige stuk dat niet aange-pakt wordt en dat wel degelijk in slechte staat is, is het stuk Oudenaardsesteenweg over de rontonde op grondgebied Kerkhove.

Het is natuurlijk wel zo dat er van Avelgem tot Kerkhove enkele schaarse stukjes zijn die al een op-knapbeurt kregen, maar op de overgangen tussen goede en slechte stukken is de trilling zo mogelijk nog erger. Ook vlak na de rotonde in Kerkhove is er honderd meter betere weg, maar verder richting Oudenaarde is de weg in even slechte staat als het grootste gedeelte voor de rotonde.

De beslissing om te stoppen met de werken aan de rotonde in Kerkhove is natuurlijk wel jammer voor de mensen die voorbij de rotonde richting Oudenaarde wonen. Voor hen zijn de geluidsoverlast en de trillingen even erg.

Klopt het dat de werken enkel voorzien zijn tot aan de rotonde in Kerkhove en daar stopgezet worden?

Zo ja, wat is hiervan de reden?

Verdient het geen aanbeveling om ook het deel over de rotonde in Kerkhove richting Oudenaarde alsnog mee op te nemen?

Antwoord Minister Crevits:

Op het goedgekeurd indicatief programma 2007-2009 is onder de categorie secundaire wegen onder N8 voor het jaar 2008 het project nr. 1348 voorzien dat structureel onderhoud voorziet op het grondgebied van Avelgem tussen km 65,4 en km 68,768.

Km 68,768 stemt overeen met het einde van het doortochtproject (zie project nr. 1119 op hetzelfde programma 2007-2009).

Km 65,37 is het kruispunt met de Kapellestraat.
Vanaf de rotonde loopt de N8 verder langs de Brugstraat richting de brug over de Schelde en richting Oudenaarde.

Het gedeelte van de Oudenaardsesteenweg tussen de rotonde en de grens met Oost-Vlaanderen is de N453.

Bovenvermeld programma 2007-2009 voorziet geen werken op de N453.

De redenen zijn dat:

– de betonverharding op de N8 in veel slechtere toestand is dan de betonverharding op de N453 (dit wordt bevestigd door het rapport “systematische metingen” van de afdeling Wegenbouwkunde.

– de intensiteit van het verkeer op de N8 veel groter is dan op de N453.

– het programma opgemaakt wordt rekening houdende met het voorziene budget en de prioriteiten.

Momenteel is het ontwerp 3-jarenprogramma in opmaak.
Er wordt nagegaan in hoeverre ook het structureel onderhoud op de N453 tussen de rotonde te Kerkhove en de grens met Oost-Vlaanderen hierin kan opgenomen worden.

Ingediend onder schriftelijke vragen Reacties uitgeschakeld voor N8 Kerkhove (Avelgem)  Heraanleg

Hooghuis Doel

Ingediend op februari 21st, 2008 door bartcaron

Hooghuis Doel   –   Instandhoudingswerken

In de buurt van de kerk van Doel staat het Hooghuis. Dit huis met een rijke geschiedenis dateert uit 1614. Het huis is vrij authentiek en is hoogstwaarschijnlijk gebouwd door Jan Brandt, vader van Isa-bella Brandt en schoonvader van P.P. Rubens. Na de dood van Isabella Brandt, hertrouwde Rubens met de jonge H

Ingediend onder schriftelijke vragen Reacties uitgeschakeld voor Hooghuis Doel

Erediensten -Statuut organisisten vraag aan Minister Keulen

Ingediend op februari 21st, 2008 door bartcaron

Erediensten   –   Statuut organisten

Veel organisten spelen bij erediensten, begrafenissen en dergelijke. Maar meestal is dat als vrijwilliger of in een zeer deeltijds regime. Velen zouden daar uiteraard graag hun dagelijkse job van willen ma-ken.

Lesgeven in orgel is niet evident, want orgel spelen is niet echt meer in trek. Bovendien hebben de academies al een leraar voor orgel in dienst.

Het grote probleem bij organisten is eigenlijk niet zozeer hun werk, maar wel hun statuut. Vele orga-nisten zijn aangesteld in

Ingediend onder schriftelijke vragen Reacties uitgeschakeld voor Erediensten -Statuut organisisten vraag aan Minister Keulen

A24 - N58

Ingediend op september 26th, 2007 door bartcaron

Schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Bart Caron aan mevrouw Hilde Crevits, Vlaams minister van Openbare Werken, Energie, Leefmilieu en Natuur over stand van zaken ivm de aanleg van de A24

De autosnelweg vanuit het noorden naar Parijs, de ring rond Rijsel en de wegen in de agglomeratie van Rijsel zijn dermate verzadigd, dat de Franse overheid al jaren zoekt naar een oplossing voor een vlotter autoverkeer in het noorden van het land.
Na het d

Ingediend onder schriftelijke vragen Reacties uitgeschakeld voor A24 - N58

Pilkem Ridge

Ingediend op juli 24th, 2007 door bartcaron

Schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Bart Caron aan de heer Dirk Van Mechelen, Vlaams minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening over de resultaten van het in 2002 gedane waardenonderzoek van de oorlogssite Pilkem Ridge.

In het kader van het (archeologisch) waardenonderzoek van de oorlogssite ‘Pilkem Ridge’ in St. Jan nabij Ieper werd in 2002 door toenmalig Vlaams minister van Binnenlandse Aangelegenheden, Ambtenarenzaken en Buitenlands Beleid, Paul Van Grembergen aan het Instituut voor het Archeologisch Patrimonium de opdracht gegeven een archeologische prospectie met ingreep in de bodem uit te voeren.

Het was als erfgoedminister niet zijn bedoeling zich te mengen in de discussie omtrent de al dan niet noodzakelijke doortrekking van de A19, maar wel wou hij op een wetenschappelijke basis een inzicht verwerken van de erfgoedwaarden (vooral archeologische en cultuurlandschappelijke waarden) die door een doortrekking of bepaalde trajectvarianten zouden gehypothekeerd worden (lees: op de schop halen).

Deze studie was spijtig genoeg niet klaar voor de verkiezingen en voor de installatie van de nieuwe Vlaamse regering. Ondanks zijn objectieve, wetenschappelijke benadering van het terrein is sindsdien niets meer van deze studie vernomen.

Terecht wordt op vele fora gepleit voor wetenschappelijk onderzoek als basis voor doordachte politieke beslissingen, maar je moet dan ook hanteren als een element die bijdraagt tot een volwaardige beoordelingsbasis. Ik neem aan dat het waardenonderzoek heel interessante bevindingen heeft opgeleverd. Ik ben dan ook nieuwsgierig naar de resultaten. Gelet op het belang van de site meen ik ook dat het nuttig zou zijn dat ze kunnen worden gepubliceerd.

Ondertussen zijn we 2007 en is de doortrekking van de N8 weer brandend actueel. Getuige hiervan is het principiële groene licht van de Vlaamse regering op 23 maart voor de nieuwe verbindingsweg Ieper-Veurne. Daarmee komt de oplossing voor het dossier N8-A19 een stap dichterbij.

Eerst moet er wel nog een milieueffectrapport (Mer) en een Ruimtelijk Uitvoeringsplan (RUP) worden opgemaakt waarvan de resultaten in de eerste helft van april ter inzage zullen gelegd worden bij de betrokken gemeentebesturen. Maar de minister-president zei in de communicatie dat er met de leefbaarheid in de dorpen en een goede verkeersafwikkeling rekening zal gehouden worden. 

Dat de doortrekking van de A19 definitief afgevoerd werd, onder meer vanwege van het slagveld van Pilkem Ridge? Nu wordt echter stilaan duidelijk hoe de nieuwe verbinding Ieper-Veurne er zal uitzien.

Daarom meneer de minister wil ik u volgende vragen stellen:

1. Is het archeologisch waardenonderzoek van de oorlogssite ‘Pilkem Ridge’ in St. Jan nabij Ieper afgerond? 
 
2. Zo ja, welke zijn de belangrijkste bevindingen?

3. Hebben de resultaten van het onderzoek meegespeeld in de beslissing van de Vlaamse regering van 23 maart 2007 m.b.t. het trac

Ingediend onder schriftelijke vragen Reacties uitgeschakeld voor Pilkem Ridge

Fleriskothoeve Middelkerke

Ingediend op juni 4th, 2007 door bartcaron

Schriftelijke vraag van Vlaams volksvertegenwoordiger Bart Caron aan Dhr Dirk Van Mechelen, Vlaams minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening over het Fleriskot te Middelkerke

Het Fleriskot is een historische hoeve op een terp daterend uit de 18e eeuw waarvan in de streek rond de Noordzee en de Polders maar weinig de tand des tijds doorstaan hebben. De oorspronkelijke hoeve, Hof Ten Diken, op dezelfde plek dateert van nog vroeger.
Bovendien is het quasi zeker dat onder de grond de restanten te vinden zijn van een 11e eeuwse Tempeliercommanderij, een voorloper van de veel bekendere commanderij van Slijpe. Daarnaast is de hoeve onlosmakelijk verbonden met de legende van Fleris, de boerenknecht die een dienaar van de duivel was.
Het gaat hier dus om Erfgoed met een grote letter E.

Omdat de eigenaar een afbraakvergunning gevraagd

Ingediend onder schriftelijke vragen Reacties uitgeschakeld voor Fleriskothoeve Middelkerke





 

Nieuws

We moeten af van ‘middeleeuwse’ overdracht van jachtrechten

Alternatieven voor dierproeven

Het ‘kleine’ parlementaire werk. Recente voorbeelden: Geluidshinder kusttram – Hakhoutbeheer – Restauratiepremies Onroerend Erfgoed – Beschermde landschappen

Ketnet wil zender voor allerkleinsten, “Legitieme vraag en begrijpelijke ambitie”

Gereglementeerde boekenprijs unaniem goedgekeurd door Vlaams parlement

Wat liep er fout met de bescherming Villa Slabbinck? (Brugge)

Groen verwelkomt Bellegemse windmolens, maar vraagt ‘windplan’ voor regio Kortrijk

Groen wil geen sloop hoekhuis Kasteelkaai-Belfaststraat.
Hoog tijd voor een Kortrijkse visie op erfgoed!

Woede van boeren terecht, maar alleen ander landbouwmodel geeft boeren een zekere toekomst.

Provinciebestuur W-Vl verliest vele (culturele) instellingen

Bart Caron : “Overdracht cultuurbevoegdheden provincies is een wangedrocht !”

Leve Mest-Vlaanderen

Nog geen bescherming poldergraslanden

Nog redders aan de kust?

Brugge weert plooifiets uit overheidsgebouwen

De Leie of het Kanaal naar Roeselare: Groen wil meer binnenvaart

Kortrijk Airport, milieuvergunning aangepast?

Wanneer faire prijzen voor landbouwproducten?

Kortrijk heeft de bus gemist

Burgerkabinet ontslaat Gatz niet van plicht om al bestaande inspraak te versterken

Steeds meer monumenten wachten op broodnodig onderhoud. Ondertussen verkrotten ze

Freya Piryns voorgedragen als vertegenwoordiger in de Raad van Bestuur van de VRT

Regering krimpt beloofde natuurgebieden langs de Leie sterk in

Bruggen in Kortrijk, werkende verlichting op de fietspaden is een brug te ver…

LAR-zuid, woordbreuk van de stadscoalitie

Informatie, diverse sporten en cultuur moeten prioriteit VRT blijven

‘Gemeenteraad is wachtzaal voor wie schepenambt wil’

Persmededeling: Groen maakt werk van versterking West-Vlaamse open ruimte.

Persbericht: 5 Groene werven voor een impuls in West-Vlaanderen.

Vlaamse regering bedreigt toekomst Vlaamse fictie