bartcaron.be

Nee, niet over de kunsten, maar wel over spreiding

Ingediend op februari 8th, 2015 door bartcaron

Het moet niet altijd gaan over de kunsten. Dat lijkt de realiteit als je de interviews met minister Sven Gatz leest, of andere krantenartikels over zijn beleid. Het is alsof er geen andere werkingen bestaan zoals cultuurcentra of musea of sociaal-culturele werk. Haast nog minder aandacht krijgen de gevolgen van de interne staatshervorming van MP Geert Bourgeois. Hij knipt de band tussen Vlaanderen en het lokaal cultuurbeleid helemaal door. Een jammere evolutie.

Nu dus over de cultuurcentra, over de grotere althans. De positie van de grotere cultuurcentra – ik noem ze verder de vuurtorens – is al vele jaren voorwerp van debat. Ze zijn enerzijds een (gemeentelijke) voorziening voor de lokale gemeenschap, maar anderzijds ook een organisatie die een belangrijke rol speelt in de spreiding van en educatie rond de kunsten. De schaal van hun werking overstijgt de stedelijke context. Het publieksbereik is veel ruimer dan de stad, het belang van de presentatie van kunsten ook veel groter dan de lokale bevolking. Een louter gemeentelijke aansturing klopt al vele jaren niet met de praktijk van de werking.

Nu hun subsidies samen met de andere sectorale subsidies ingekanteld worden in het gemeentefonds, komt de bovenlokale werking nog meer onder druk. Waarom zouden stadsbestuurders een bovenlokale werking financieren? Voorbeelden uit andere sectoren tonen aan dat deze situatie toch vreemde beslissingen leidt. Kijk bijv. naar de zwembaden waar de eigen inwoners een lager tarief betalen dan mensen uit andere gemeenten. Ik denk dat niemand zoiets wenst voor de programmering van de vuurtorens.

Ze worden stedelijk aangestuurd maar hebben een regionale werking. Het Gemeentefonds voorziet geen enkele oplossing voor deze spanning, tenzij de cultuurcentra intergemeentelijk zouden aangestuurd en gefinancierd worden. Echter, deze situatie bestaat in de praktijk niet. In Turnhout is het provinciebestuur bijgesprongen om die bovenlokale werking te ondersteunen en zelfs te versterken, terecht. Dat staat straks op losse schroeven door de interne staatshervorming. De specifieke subsidie voor de vuurtorens zal onzichtbaar worden in het geheel van het Gemeentefonds. De garantie dat die middelen ten goede komen aan hun werking daardoor (hier en daar) ook. Dit alles doet mij ernstige vragen stellen over hun toekomst.

Ik wil een voorzet doen voor een andere aanpak. Deze cultuurcentra (vuurtorens), meestal gevestigd in centrumsteden, kunnen ook op een andere manier gefinancierd worden, zonder dat daarvoor extra-middelen moeten worden uitgetrokken, althans geen grote sommen. Ik kijk hiervoor naar het nieuwe Kunstendecreet. Daar is het concept van functies ingevoerd. Twee functies passen als gegoten op de werking van de vuurtorens:
Presentatie: het delen van het gecreëerde en geproduceerde artistieke werk met een publiek. Een presenterende organisatie of kunstenaar deelt kunst met een publiek. De focus ligt op deelnemen. Het publiek is hier de gebruiker, de aanwezige, de toeschouwer, de klant.
Participatie: het ontwikkelen en toepassen van visie, concepten en processen die bijdragen tot de participatie, zowel als actieve deelname aan kunst als het confronteren met kunst, met aandacht voor maatschappelijke en culturele diversiteit. De functie participatie vertrekt van de expliciete zorg voor het toegankelijk maken en het actief betrekken van diverse publieken aan kunst, het ‘deelhebben’.
Zijn dat nu net niet de centrale functies van deze cultuurcentra?

Kunnen we niet overwegen de grote cultuurcentra (deels) in te kantelen in het Kunstendecreet? Waarom schrijf ik ‘deels’? Omdat ik het ook zinvol vind dat er een bestuurlijke band blijft met het lokale bestuur. Om dat voorstel te concretiseren beperk ik mij even tot de A-centra. Zij krijgen 400.000 euro subsidie. Waarom de huidige subsidie niet in twee delen knippen? We voegen een basissubsidie (bijv. 200.000 of 300.000 euro) toe aan het Gemeentefonds en voegen het andere deel toe aan de pot van het Kunstendecreet (100 à 200.000 euro) met wel met een oormerking voor de cultuurcentra. Die pot wordt dan verdeeld over dezelfde cultuurcentra op basis van kwalitatieve criteria en volgens de werkwijze van het Kunstendecreet (beoordelingscommissies, advies enz…).

Dit laat toe na te denken over de relatie tussen cultuurcentra en gesubsidieerde organisaties, het laat toe partnerschappen en samenwerkingsverbanden te ontwikkelen, wat zou kunnen leiden tot een efficiëntere spreiding van de gesubsidieerde gezelschappen in Vlaanderen. Die laatste staan onder druk en worden, zo horen we vaak, te weinig gespreid. De minister zou er in zijn visienota ook een aandachtspunt van kunnen maken. We kunnen hier ook een overeenkomst met de cultuurcentra en gesubsidieerde gezelschappen aan kunnen verbinden die afspraken inzake spreiding vastlegt. Dergelijke praktijk is in andere landen vrij courant. Bij ons blijft dat alles zeer vrij en open, zonder bindende engagementen dus, met de gekende klachten tot gevolg.

Nog even over een intergemeentelijke aanpak van de vuurtorens. Daar is, zeker vanuit een theoretische positie, veel voor te zeggen. Echter, het wordt bemoeilijkt door de feitelijke situatie. Immers, de buurgemeenten van de steden waar de vuurtorens gevestigd zijn, beschikken zelf over gemeenschapscentra of cultuurcentra van de B- of C-categorie. Waarom zouden zij mee investeren voor een centraal gelegen vuurtoren? Ze benadelen op deze wijze misschien hun eigen centrum.
Voor de B-centra zelf is een beperkte intergemeentelijke samenwerking mogelijks een interessante formule waarbij zij het beheer van hun centrum onderbrengen in een regionaal intergemeentelijk bestuur en dit met die gemeenten die direct en aanliggend in hun invloedssfeer liggen.

Ik ben benieuwd naar hoe de cultuurcentra zelf naar hun toekomst kijken. Waren ze niet bezig met een studie over hun toekomst? Waar blijft die?
Over deze kwesties wil ik donderdag minister Sven Gatz ondervragen. Ik ben benieuwd naar zijn reactie.

Ingediend onder mijn gedacht 2 reacties

2 reacties op “Nee, niet over de kunsten, maar wel over spreiding

  1. Herman Baeten schreef:

    Bart, ik zou het echt breder opentrekken. Niet enkel de vuurtorens, of zelfs B en C centra, maar alle gemeenschapscentra zouden via het kunstendecreet extra middelen moeten kunnen krijgen voor bovenlokale programmering. Misschien via projecten, maar het moet mogelijk zijn. Zoals je schrijft zullen de lokale beleidsmakers hier zeker geen middelen voor vrijmaken. De lokale actoren moeten echter ook een kans maken, zelfs in kleine centra. Ik zie hoe ik mijn organisatie Musica heb kunnen uitbouwen. Met lokale middelen was dat nooit gelukt, want niemand had interesse. Er zijn ook centra in kleine gemeenten die kwaliteitsvolle dingen programmeren, maar dan is de lokale schepen er ofwel niet mee bezig, ofwel toevallig een cultuurminnaar.
    Met het protocol tussen VVSG en de Vlaamse Gemeenschap en bij uitbreiding hun visienota voor het kunstendecreet vrees ik het ergste. Op termijn gaat men vanuit Vlaanderen het hele kunstenbeleid loslaten en enkel beperken tot wat grote instellingen (misschien worden het er dan een 20-tal?). De rest moet lokaal worden ingevuld. Weg experiment, weg groei van onderuit, weg kwaliteit. Ik denk dat we fors bezig zijn om het hele kunstenbeleid op de schop te zetten. Iets wat zo’n grote invloed had, ook internationaal, wordt terug overgeleverd aan lokale kneuterigheid. Mijn excuses dat ik hiermee generaliseer, er zijn zeker goede uitzonderingen, maar dat is dan ook niet meer dan dat. Lokale mandatarissen moeten hun stemmen lokaal halen en dan zullen ze niet aarzelen om het geld dat eventueel voor kunsten bestemd was voor andere dingen te gebruiken. Vlaanderen laat hier een wezenlijke taak schieten. Maar misschien is dat te begrijpen, want de kunstensector is moeilijk, critisch, ver van de mensen …

  2. Herman Baeten schreef:

    ik bedoel natuurlijk kritisch 🙂

Reacties zijn gesloten.






 

Nieuws

We moeten af van ‘middeleeuwse’ overdracht van jachtrechten

Alternatieven voor dierproeven

Het ‘kleine’ parlementaire werk. Recente voorbeelden: Geluidshinder kusttram – Hakhoutbeheer – Restauratiepremies Onroerend Erfgoed – Beschermde landschappen

Ketnet wil zender voor allerkleinsten, “Legitieme vraag en begrijpelijke ambitie”

Gereglementeerde boekenprijs unaniem goedgekeurd door Vlaams parlement

Wat liep er fout met de bescherming Villa Slabbinck? (Brugge)

Groen verwelkomt Bellegemse windmolens, maar vraagt ‘windplan’ voor regio Kortrijk

Groen wil geen sloop hoekhuis Kasteelkaai-Belfaststraat.
Hoog tijd voor een Kortrijkse visie op erfgoed!

Woede van boeren terecht, maar alleen ander landbouwmodel geeft boeren een zekere toekomst.

Provinciebestuur W-Vl verliest vele (culturele) instellingen

Bart Caron : “Overdracht cultuurbevoegdheden provincies is een wangedrocht !”

Leve Mest-Vlaanderen

Nog geen bescherming poldergraslanden

Nog redders aan de kust?

Brugge weert plooifiets uit overheidsgebouwen

De Leie of het Kanaal naar Roeselare: Groen wil meer binnenvaart

Kortrijk Airport, milieuvergunning aangepast?

Wanneer faire prijzen voor landbouwproducten?

Kortrijk heeft de bus gemist

Burgerkabinet ontslaat Gatz niet van plicht om al bestaande inspraak te versterken

Steeds meer monumenten wachten op broodnodig onderhoud. Ondertussen verkrotten ze

Freya Piryns voorgedragen als vertegenwoordiger in de Raad van Bestuur van de VRT

Regering krimpt beloofde natuurgebieden langs de Leie sterk in

Bruggen in Kortrijk, werkende verlichting op de fietspaden is een brug te ver…

LAR-zuid, woordbreuk van de stadscoalitie

Informatie, diverse sporten en cultuur moeten prioriteit VRT blijven

‘Gemeenteraad is wachtzaal voor wie schepenambt wil’

Persmededeling: Groen maakt werk van versterking West-Vlaamse open ruimte.

Persbericht: 5 Groene werven voor een impuls in West-Vlaanderen.

Vlaamse regering bedreigt toekomst Vlaamse fictie