bartcaron.be

Vraag om uitleg over de opvang van jongvolwassenen

Ingediend op november 13th, 2008 door bartcaron

Vraag om uitleg van Vlaams volksvertegenwoordiger Bart Caron aan de heer Steven Vanackere, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin betreffende de opvang van jongvolwassenen.

Vlak voor het reces stond een artikel in de Knack dat me aangegrepen heeft. Het gaat om een meisje van 18 jaar, ze had een geschiedenis in instellingen. Op haar 18de werd ze ontslagen uit de instelling omdat ze meerderjarig was. Hierdoor was ze op de dool en is ze op 18-jarige leeftijd gestorven.

Dit is echter slechts een voorbeeld. Uit het artikel in de Knack blijkt dat er meerdere jongeren zijn zoals dit meisje, met een licht mentale handicap en/of psychische problemen. Voor deze jongeren is de overgang naar voorzieningen voor volwassenen dikwijls problematisch. Deze jongeren wordt uit de instelling ontslagen als ze 18 zijn, ze moeten dan naar de vrijwillige hulpverlening. Maar als ze dat niet willen, staan ze op straat. Veel van die jongeren zijn instellingsmoe en als het alternatief de zoveelste instelling is, dan kiezen ze vaak voor de straat en voor pijnverzachtende drugs.

En als het water dan te hoog komt en ze hulp gaan zoeken, worden ze vaak van het kastje naar de muur gestuurd. Eventueel zouden ze terecht kunnen bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap. Het probleem is: daarvoor moet je erkend zijn. En hun erkenning is natuurlijk niet in orde. Het gevolg is: ze komen op een wachtlijst te staan voor drie jaar. En raken in tussentijd vaak nog dieper in de problemen.

Deze jongeren hebben vaak geen vangnet, ze zijn even kwetsbaar als andere 18-jarigen. Maar andere 18-jarigen, die fouten maken, kunnen terugvallen op een gezin en familie als er iets misloopt. Jongeren uit een instelling hebben deze luxe niet en zijn bovendien ook niet voorbereid op het leren omgaan met vrijheden en beperkingen. In de instelling zijn te lang opgevangen in de minderjarigenwerking. Ze hebben niet geleerd hoe ze met de vrijheid om moesten gaan en hoe ze zich kunnen handhaven in de maatschappij.

Een oplossing zou kunnen zijn om een systeem van trajectbegeleiders op te zetten. Iemand die hen vanaf hun zeventiende volgt. Een vertrouwenspersoon bij wie ze terecht kunnen. Iemand die hun papieren in orde brengt, die hen desnoods zelfs laat falen. Alleen moeten die begeleiders ervoor zorgen dat dat falen niet te ver gaat. Dat ze eruit leren. Dat ze geen duizenden euro’s schulden maken. Of eindigen zoals het 18-jarig meisje.

In het kader hiervan heb ik enkele vragen voor de minister:
1. Erkent de minister deze problematiek?
2. Zijn er mogelijkheden om deze jongeren beter op te volgen?
3. Zijn er reeds concrete plannen in die richting? Kan een vorm van trajectbegeleiding overwogen worden?

Minister Steven Vanackere: Collega´s, dit is inderdaad een problematiek die hier al meermaals aan bod is gekomen. Mevrouw Hoebeke en de heer Caron kaarten dit debat terecht op een heel empathische en gevoelige manier aan. We hebben hier al vaker nagedacht over de problematiek van jonge mensen in het hulpverleningsaanbod die op een zeker moment even van de radar verdwijnen, maar dan, helaas, enkele jaren later opnieuw opduiken vanwege een problematiek van thuisloosheid, criminaliteit of andere crisissituaties. Die hebben dan blijkbaar een aantal jaren in een soort zelfstandigheid gefunctioneerd, die echter helemaal niet beantwoordt aan wat wij verstaan onder een zinvolle beleving van de zelfstandigheid.

Ik heb eerder al laten blijken dat dit onderwerp mij bijzonder ter harte gaat. Als u met het Steunpunt Algemeen Welzijnswerk hebt gesproken en hebt gemerkt dat men daar mee bezig is, mijnheer Caron, dan is dat geen toeval. Ik heb namelijk opdracht gegeven aan het departement Welzijn, Volksgezondheid en Gezin om een werkgroep samen te stellen die zich over deze problematiek moet buigen. De werkgroep heeft als opdracht gekregen om de situatie in kaart te brengen en te analyseren, en om heel concrete beleidsaanbevelingen te formuleren.

Het klopt, mevrouw Dillen, dat pasklare antwoorden niet voor het grijpen liggen. We spreken over meerderjarigen, maar in zeker opzicht gaat het inderdaad nog over kinderen. Jacques Brel zong al over ´ces enfants de cinquante ans´, en er zijn inderdaad mensen die altijd een vorm van ondersteuning nodig hebben om niet zwaar in de problemen te komen. Dat mag ons evenwel niet tot een sombere maatschappijvisie leiden. We moeten geloven in de kracht van de mensen, maar we moeten toch oog hebben voor deze problematiek.

Het departement is momenteel bezig met de uitvoering van mijn opdracht. Op 15 september jongstleden heeft men rondetafelgesprekken georganiseerd met praktijkwerkers uit alle sectoren die betrokken zijn bij de integrale jeugdhulp – en dus bijvoorbeeld ook met het Steunpunt Algemeen Welzijnswerk – en uit de belendende sectoren, zoals de OCMW´s, de VDAB en de sociale huisvesting. Een betere intersectorale afstemming en samenwerking tussen de verschillende sectoren van hulpverlening onderling en met de belendende sectoren, zijn fundamentele elementen voor een adequate aanpak van de jongvolwassen instellingverlaters.

De bedoeling is dat de gesprekspartners van die rondetafelgesprekken de praktijk schetsen, en op basis daarvan de knelpunten inventariseren en oplossingsvoorstellen formuleren. Het is de bedoeling dat de bevindingen van die gesprekken vertaald worden naar ontwerpbeleidsadviezen, die ik eind november wil laten becommentariëren door een Vlaams expertenpanel, om ze te laten bevestigen, aan te passen, aan te vullen en te valideren, en om er op die manier voor te zorgen dat ze wat breder gedragen worden.

Ik ga mij op die bevindingen baseren om concrete beleidsinitiatieven te nemen voor een betere zorgcontinuïteit voor jongvolwassen instellingverlaters. Ik vraag hun ook uitdrukkelijk om de gegevens over de uitstromers na te gaan en aan te bevelen welke data we daarrond nog ontberen en welke data we hierover moeten verwerven om er op een verstandige manier over te kunnen nadenken.

Ik heb sympathie voor dat voorstel van trajectbegeleiding, maar ik vind het wat voorbarig om daar nu al veel over te zeggen. Ik wil dat liever geïntegreerd zien in datgene wat ik eind november ontvang. Daarom wil ik nog wat afwachten. Ik merk namelijk dat de vraag naar trajectbegeleiding in heel veel sectoren terugkomt. Eigenlijk gaat het telkens om de vraag naar iemand die dicht bij de cliënt staat, die het overzicht bewaart en die bij wijze van spreken de draad vasthoudt. Aangezien die vraag naar trajectbegeleiding ook in heel wat andere sectoren voorkomt, dreigt het gevaar dat we daar te veel mensen voor nodig hebben.

Ik verwacht dat zo´n trajectbegeleiding hoe dan ook een onderdeel vormt van wat een hulpverleningstraject an sich al is. Ik verwacht dat men dat opneemt in het takenpakket van de hulpverlener, zodat er niet te veel met verkapte verantwoordelijkheden wordt gewerkt, en dat men dat tracht te integreren in het hulpverleningstraject. Ik wil er hier nog niet te veel op vooruitlopen, omdat ik alle kansen wil laten aan het proces dat ik in gang heb gezet en dat eind november rond zal zijn.

Mevrouw Claes, de problematiek van de spaarmiddelen is hier al een paar keer aan bod gekomen in de commissie. Die problematiek komt inderdaad ook in heel veel getuigenissen van bijvoorbeeld pleegouders aan bod. Men stelt vast dat het bewuste moment waarop die middelen vrijkomen, soms een zeer delicaat en heikel moment is. Ik heb daar helemaal geen pasklaar antwoord voor. Bovendien moeten we daarbij rekening houden met een aantal grondwettelijke beginselen, zoals het recht op eigendom.

Ik ben het wel met u eens dat we moeten nagaan hoe we de bescherming van de jongere en zijn materiële belangen – met inbegrip van het feit dat hij een vermogen moet kunnen opbouwen – kunnen combineren met beschermende maatregelen ten aanzien van het gebruik ervan. Maar ik ga op dat vlak afwachten wat de sector mij te melden heeft.

Mevrouw Anne Marie Hoebeke: Mijnheer de
minister, ik dank u voor uw bezorgdheid. Wat mevrouw Claes aanhaalt, is inderdaad een probleem. De jongeren krijgen twee derden van het opgespaarde vermogen zomaar in handen op het moment dat ze achttien worden. Burgerrechtelijk of vanuit de banksector staat ons geen enkel middel ter beschikking om dat af te remmen.

Er is ook een groep jongeren voor wie een voorlopige bewindvoerder wordt geïnstalleerd, alleen maar vanwege dat financiële aspect. Een bewindvoerder is echter enkel bevoegd voor het vermogensrechtelijke aspect. Voor die bepaalde jongeren is een combinatie van het zorgaspect en het bemiddelingsaspect misschien wel aanwezen. Misschien moet u daarvoor eventjes over de grenzen van uw bevoegdheid heen durven te kijken, zodat de regelgeving omtrent welzijn en jongeren vanuit veel sectoren bij

Ingediend onder in de commissies Reacties uitgeschakeld voor Vraag om uitleg over de opvang van jongvolwassenen





 

Nieuws

We moeten af van ‘middeleeuwse’ overdracht van jachtrechten

Alternatieven voor dierproeven

Het ‘kleine’ parlementaire werk. Recente voorbeelden: Geluidshinder kusttram – Hakhoutbeheer – Restauratiepremies Onroerend Erfgoed – Beschermde landschappen

Ketnet wil zender voor allerkleinsten, “Legitieme vraag en begrijpelijke ambitie”

Gereglementeerde boekenprijs unaniem goedgekeurd door Vlaams parlement

Wat liep er fout met de bescherming Villa Slabbinck? (Brugge)

Groen verwelkomt Bellegemse windmolens, maar vraagt ‘windplan’ voor regio Kortrijk

Groen wil geen sloop hoekhuis Kasteelkaai-Belfaststraat.
Hoog tijd voor een Kortrijkse visie op erfgoed!

Woede van boeren terecht, maar alleen ander landbouwmodel geeft boeren een zekere toekomst.

Provinciebestuur W-Vl verliest vele (culturele) instellingen

Bart Caron : “Overdracht cultuurbevoegdheden provincies is een wangedrocht !”

Leve Mest-Vlaanderen

Nog geen bescherming poldergraslanden

Nog redders aan de kust?

Brugge weert plooifiets uit overheidsgebouwen

De Leie of het Kanaal naar Roeselare: Groen wil meer binnenvaart

Kortrijk Airport, milieuvergunning aangepast?

Wanneer faire prijzen voor landbouwproducten?

Kortrijk heeft de bus gemist

Burgerkabinet ontslaat Gatz niet van plicht om al bestaande inspraak te versterken

Steeds meer monumenten wachten op broodnodig onderhoud. Ondertussen verkrotten ze

Freya Piryns voorgedragen als vertegenwoordiger in de Raad van Bestuur van de VRT

Regering krimpt beloofde natuurgebieden langs de Leie sterk in

Bruggen in Kortrijk, werkende verlichting op de fietspaden is een brug te ver…

LAR-zuid, woordbreuk van de stadscoalitie

Informatie, diverse sporten en cultuur moeten prioriteit VRT blijven

‘Gemeenteraad is wachtzaal voor wie schepenambt wil’

Persmededeling: Groen maakt werk van versterking West-Vlaamse open ruimte.

Persbericht: 5 Groene werven voor een impuls in West-Vlaanderen.

Vlaamse regering bedreigt toekomst Vlaamse fictie