Mogen we nu eens alle strategische overwegingen laten varen? We zijn nu immers zo’n tien weken na de federale verkiezingen, en er is nog geen spoor van een regering. Gelukkig hebben we Yves Leterme nog die met zijn ontslagnemende ploeg het land moet rechthouden
.
Tien weken praten met nul komma nul resultaat. Ik zit zelf in het politiek bedrijf – bij wijlen eerder een slecht circus – en moet vaststellen dat er veeleer electorale overwegingen meespelen dan staatsmanschap. Gebrek aan verantwoordelijkheidzin. We waren er voorbije dagen niet zo ver van af, van een akkoord over de staatshervorming. Maar nu lijkt het weer verder dan ooit tevoren.
Ik heb toch een donkergeel vermoeden dat het de N-VA louter om de stemmen te doen is. Rekenen ze er op dat ze, door koppig nee te blijven zeggen tegen de voorstellen van Di Rupo, ofwel kunnen vooruitgaan bij verkiezingen? Of mikken ze op een blokkade van de federale staat en op die wijze op een regimecrisis die moet uitdraaien in een onafhankelijk Vlaanderen? Ze spelen volgens mij met vuur: voor hetzelfde geld kunnen ze door de kiezer afgestraft als beloond worden. Ik vrees dat ze, hoe langer deze formatie duurt en hoe meer ze ondertussen radicaliseren, hoe bekaaider ze ervan af komen. Zij denken daar wellicht net het omgekeerde over, nl. dat ze bij eventueel vervroegde verkiezingen nog zullen groeien.
Di Rupo is geen engeltje, maar heeft een meer dan verdienstelijke poging gedaan. Er zijn over BHV, over Brussel, over de responsabilisering van gewesten en gemeenschappen, arbeidsmarkt en leefmilieu, een aantal zeer interessante pistes ontwikkeld, zelfs bijna-akkoorden gesloten. Collega’s, doe daar dan toch mee voort, en stop met de bevolking te gijzelen.
Er moet immers ook nog gepraat worden over de begroting, over besparingen, over kleine pensioenen en uitkeringen, over een economisch programma, over defensie en over justitie, over zoveel dat ook zo belangrijk is. Over dingen waar meer mensen mee bezig zijn, zich zorgen over maken omdat het hen direct raakt.
Tien weken na de verkiezingen, of zijn het er al elf, mag daar al eens over gepraat worden, nietwaar? Wie door de kiezer geroepen is om te besturen, weet dat hij/zij water in de wijn zal moeten doen. Een grote partij las N-VA kan niet meer doen alsof ze een zweeppartij is. Als je geen compromissen wil, moet je proberen tweederde van de stemmen te halen, ook in Wallonië en Brussel. Maar dat lijkt me toch niet zo simpel.
Hey, al eens gekeken hoe de CVP zich gedraagt? Juist zoals de CVP. Ze kunnen niet achterblijven bij de N-VA, maar verschuilen zich toch maar achter de brede rug ervan, bang als ze zijn stemmen te verliezen aan De Wever en co. Flauwe plezanterikken. Doe maar zo voort en straks verschrompelt de christen-democratie tot een zweeppartij ...
Het zal niet aan Groen! liggen. Wij zijn constructief en willen een communautaire pacificatie. Er zijn nl. nog grote problemen. Maar voor sommigen is het duidelijk nooit genoeg.
Sire, geef me xxx dagen – invullen naar behoefte.
PS En dat ik niet naar de Ijzerbedevaart ben geweest, doet helemaal niks terzake. Maar hun drieledige boodschap is wel zeer actueel: vrede, vrijheid en verdraagzaamheid.

Ik kreeg vandaag een pakket thuis gestuurd. Meestal wip ik dan omhoog van pure blijdschap, maar dit keer heeft het pakket me mateloos geërgerd. Die ergernis is de aanleiding van dit schuinschrift.
Vooraf dit: ik houd erg veel van klassieke muziek en ik ben blij dat Vlaanderen een eigen Opera heeft. Dat Opera een duur machien is weten we, en toch kan Vlaanderen dat blijven bolwerken. Goed zo, al is het budget van onze Vlaamse Opera een stuk lager dan van de Munt, een federale culturele instelling, we moeten ons niet schamen.
De populisten onder ons kunnen zich ergeren aan de hoge kost van Opera, hoog voor het relatief weinige publiek dat wordt bereikt. Ik vind dat zelf helemaal geen criterium. Kunst kost nu eenmaal geld, en opera is een dure kunstvorm omdat er nu eenmaal veel uitvoerende kunstenaars en medewerkers bij betrokken zijn. Maar dat mag de cultuursector, en dus ook de opera niet beletten dat geld efficiënter aan te wenden. Voor alle duidelijkheid: ik pleit niet voor minder subsidie voor de Vlaamse Opera, of voor muziektheater in het algemeen, maar ook niet voor meer subsidie.
Ik wil wel dat er wordt gediscussieerd over welk soort muziektheater, welke soort opera we in Vlaanderen willen hebben. De Vlaamse Opera, die wel goede recensies haalt in de vakpers. is finaal een traditioneel operahuis. Het bespeelt daarenboven twee zalen, heeft een eigen orkest en koor, en brengt het ijzeren repertoire in montages met veel toeters en bellen. We zouden artistiek vernieuwender en origineler kunnen zijn met minder bombarie en minder geld, maar dan moeten we af van de traditie. Een nieuwe opera-aanpak zou ook wel een stevige brug kunnen slaan naar een nieuw en jong publiek voor muziektheater. Maar dat is blijkbaar een keuze die in Vlaanderen heel moeilijk ligt. Idem voor een samenwerking met de andere Vlaamse orkesten en met hedendaagse theater- en dansgezelschappen.
Ik zou het dus hebben over dat pak dat vandaag tot mijn verbazing aan mijn voordeur werd door het koerierbedrijf TNT. Het bleek afkomstig te zijn van de Vlaamse Opera. Aan wie allemaal gestuurd is, weet ik niet, maar ik denk dat iedereen die iets met de financiering van dit huis te maken heeft, ontvanger mag zijn. Het is een relatiegeschenk om u tegen te zeggen. Het is een mooie grijze doos van pakweg 30 x 25 x 6 cm met allerlei spullen in:
- een CD ‘mijn Oriënt’ met fragmenten van de Opera’s van volgend seizoen
- het programmaboek ‘mijn Oriënt’ van volgend seizoen (160 pagina’s)
- het programmaboek van ‘Peter Grimes’ van Benjamin Britten
- de programmabrochure van het concert ‘Van mens en zee’
- een recensiebundel
- twee magazines van de Vlaamse opera
- een luxueuze sponsormap
- diverse kleinere drukwerken
En vooral zit er in de doos een brief van de voorzitter van de Vlaamse Opera waarin hij zijn bezorgdheid uitdrukt over de Opera. Hij haalt de volgend elementen aan:
- de blijvende impasse rond het beheer en vooral het onderhoud van de beide gebouwen in Gent en Antwerpen. Daarin stelt hij dat de gebouwen helemaal niet in goede staat zijn en er stevig aan gewerkt moet worden;
- de noodzakelijke uitbreiding van het personeelsbestand, aldus de voorzitter, vooral in het orkest en het technisch departement;
- de besparingen die om budgettaire redenen door de Vlaamse regering werden opgelegd, op basis van het hanteren van de ‘kaasschaaf’, gelijk voor alle instellingen dus.
Verder steekt er een summiere tabel in de doos, een tabel die moet aantonen hoe hoog de eigen inkomsten van de Opera zijn in vergelijking tot de andere grote Vlaamse instellingen. Uit de tabel blijkt ook, maar daar zwijgt de voorzitter zedig over, dat de loonlast in drie jaar tijd met 20 procent steeg (tot 14, 7 miljoen euro) en dat het personeelsbestand toenam met 40 eenheden (tot 297). Van mij mag het allemaal … maar heeft de Vlaamse Opera in tijden van crises en dus van besparingen geen enkele gêne? De doos is poepchique en wellicht ook peperduur. Dat zou me niet kunnen schelen, behalve als ze betaald is met subsidiegeld. En behalve als de voorzitter niet zou mekkeren over de opgelegde besparingen.
Ik vraag me af of de Vlaamse Opera met dit soort public relations niet precies het omgekeerde effect bereikt? Bij mij – en ik mag mezelf niet beschouwen als een cultuurbarbaar – is dat inderdaad zo. Er is blijkbaar nog veel vet op de soep. Of heb ik het dan toch helemaal verkeerd voor?
“Beste fiscus, gelieve mij vrij te stellen van alle belastingen en taksen. Uiteraard ik wil ik wel profiteren van alle dienstverlening van uw overheid. Met dank en vriendelijke groet.”
Een monkellachje of enig wenkbrauwengefrons zal wel het hoogst haalbare resultaat zijn van een dergelijk briefje. Maar, dacht men bij de FIFA, niet geschoten is altijd mis. Bij de opstelling van het bidboek voor de organisatie van de wereldbeker voetbal vraagt de FIFA aan de kandidaat-gastlanden een achtvoudig engagement. En jawel, een vrijstelling van lasten en taksen is er één van.
Een vraag om goed uitgeruste stadions lijkt ons volkomen terecht, aandacht voor veiligheid en mobiliteit evenzeer. De wens om binnen de organiserende landen te komen tot een breed maatschappelijk draagvlak, een voetbalcommunity, is zelfs ronduit een verrijking. Garantie 3, een algemene vrijstelling voor het betalen van belastingen en taksen, is dan weer ronduit grof en onaanvaardbaar.
Niettemin lag ook deze vraag op tafel toen de diverse overheden van de Lage Landen rond de tafel zaten om hun engagementen in ‘the HollandBelgium Bid’ te formaliseren.
En dan zit je daar als enthousiast en ambitieus gezagsdrager. Je uit een monkellachje of enig wenkbrauwengefrons, krabt je in de haren en zucht eens diep. Je vindt wat gevraagd wordt absoluut weerzinwekkend, maar nog niet half zo erg als het gevoel met de rug tegen de muur te staan. Uiteraard wil je niet toegeven aan chantage; anderzijds wil je ook allerminst je kansen hypothekeren. Je wil maximaal beknibbelen op je toegiften; tegelijk hoor je de gonzende geruchten dat Engeland en Rusland wel complexloos alle engagementen hebben onderschreven.
Maar, zo bleek tijdens een boeiend debat na onze vragen in de commissie Sport van het Vlaams Parlement, de Nederlandse en diverse Belgische regeringen gingen niet plat op de buik voor de eisen van de FIFA en dat juichen wij toe. Er kwamen toegiften, uiteraard, maar allerminst een blanco cheque. Zo krijgen enkel sportgerelateerde activiteiten een belastingvrijstelling.
Idealiter waren het natuurlijk de diverse parlementen die zich uitspraken over de toegiften aan de FIFA. Wanneer een organisatie zichzelf boven de wet waant, kan ze maar beter de discussie aangaan met de wetgevende, eerder dan de uitvoerende macht.
Onze kansen op uitverkiezing zullen door onze beperkte inschikkelijkheid misschien wat inkrimpen, maar, hoezeer we er ook van overtuigd zijn dat de organisatie van het WK in 2018 ons land een enorme boost zou geen, daarom hoeven we ons rechtvaardigheidgevoel toch niet aan de kant te schuiven. Bovendien zijn we er van overtuigd dat ons land voldoende andere troeven heeft om het WK alsnog binnen te halen.
Wat we, als fervente voetballiefhebbers, ook verwelkomen is het engagement van sportminister Muyters om tijdens het lopende Belgische voorzitterschap deze zaak ook op Europees vlak aan te kaarten. Het spreekt immers voor zich dat de FIFA een groot deel van zijn macht put uit het tegen elkaar uitspelen van verschillende landen. Een algemene Europese regelgeving zou die macht al danig inperken en zelfs een mondiale aanpak dringt zich op.
Want hoe konden we nu complexloos genieten van het voorbije WK in Zuid-Afrika? Hoe konden we de gedachte verdringen aan de talloze toegiften die de Zuid-Afrikaanse regering moest doen om de wereldbeker te mogen organiseren? Wie werd er beter van het grote voetbalfeest? De lokale bevolking, die best wel een steuntje in de rug verdient? Een bevolking die zich trouwens nauwelijks een zitje in de mooie stadions kon veroorloven.
En binnen vier jaar, dan is Brazilië gastheer van het WK. Een passioneel voetbalgek land, maar evenzeer een land met een enorme kloof tussen arm en rijk.
Het is de FIFA absoluut gegund een welvarende sportbond te zijn, ze hebben dan ook een patent op één van de mooiste bijzaken ter wereld. Ze mogen de populariteit van hun spelletje gerust te gelde maken. De uitzendrechten mogen tegen marktwaarde verkocht worden, en ook aan de merchandising mogen ze een flinke stuiver verdienen.
Maar, net zoals in de sport, gelden er ook in de maatschappij regels en tot spijt van wie het benijdt, is belastingen betalen hier nog steeds de regel. Landen tegen elkaar opzetten om hun regels aan te passen, om dan te kiezen voor diegene die het meest inschikkelijk was, neigt naar machtsmisbruik. Eigenbelang dat wordt afgedwongen, ten koste van het algemene belang. Een houding die zo verschrikkelijk haaks staat op alle mooie idealen van fair-play, respect en football communities.
Tenzij we natuurlijk kunnen komen tot de regeling dat niet enkel de FIFA wordt vrijgesteld van het betalen van belastingen en taksen, maar ook alle voetbalsupporters. Een mooie gedachte die het voetbal op slag nog een stuk populairder zou maken. Een gedachte die helaas ook weer zal onthaald worden met een monkellachje en enig wenkbrauwengefrons.
Vorige week een paar dagen in Engeland verbleven. En twee keer werd ik getroffen door een slecht bericht over cultuurbeleid. Het eerste stond in de respectabele krant The Guardian – die koop ik niet elke dag hoor, maar de culturele bijlage trok mij aan, tja … Daar mocht ik lezen dat de Britse regering de ondersteuning aan Britse films stopt. Ze beschrijven zelfs een drama zo mooi: “decision to axe the UK Film Council came out of the blue yesterday.” Een axe (aks) is ook in verschillende Vlaamse dialecten een hakbijl. Je kan dit Britse instituut best vergelijken met ons Vlaams Audiovisueel Fonds. Dat geeft subsidies aan filmmakers voor scenario’s, productie, promotie enz. Ja, want in Vlaanderen is het haast onmogelijk een winstgevende film te maken. En dus bijna geen Vlaamse productie zonder steun. De Britten hebben wel een groter afzetgebied en dus meer potenties, maar toch, de betere film moet toch om steun bedelen. Gewoon uit, finito, gedaan. Het geld kwam er van de Loterij, dus nog niet eens van de belastingbetaler. Sinds 2000 spendeerde het 160 miljoen pond (zowat 135 miljoen euro) aan meer dan 900 films, die 200 miljoen bezoekers trokken en meer dan 700 miljoen pond genereerden aan ticketverkoop. Uit, finito, gedaan.
Het fonds steunt, net als bij ons nieuwe filmmakers, ambitieuze Britse films, ook minder populaire film , It investeert in nieuw talent en in Groot-Brittannië als filmlocatie. Er waren successen zoals The Constant Gardener, Nowhere Boy, Red Road enz.
Merkwaardig is dat de box office (de ticketverkoop) in het Verenigd Koninkrijk met 62% is gegroeid sinds de oprichting van het UK Film Council in het jaar 2000. Britse films 23% vertegenwoordigen van de verkoop. Het zou interessant zijn te weten te komen of dat ook in Vlaanderen het geval is. Ter vergelijking, het Vlaamse filmfonds krijgt een overheidsdotatie van 13 miljoen euro per jaar.
En links denkend en slalommend door Engeland luister ik op mijn autoradio naar de onvolprezen BBC Radio 4 en hoor er dat the Arts Council of Wales – zeg maar het uitvoerende agentschap van het Welshe ministerie van Cultuur – het vanaf volgend jaar met 25% minder moet gaan doen. Het gevolg dat is dat er nog 91 gesubsidieerde structuren (gezelschappen, orkesten, cultuurhuizen …) overblijven en dat er 32 moeten sneuvelen. The Arts Council spendeert momenteel 23.5 miljoen pond per jaar aan de gesubsidieerde organisaties. Dat is al een pak minder dan Vlaanderen.
Ter informatie, maar niet geheel ter zijde, Groot-Brittannië wordt sinds kort bestuurd door een coalitieregering van Conservatives en Liberals.
| augustus 2010 | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| z | m | d | w | d | v | z |
| 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 |
| 8 | 9 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 |
| 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 |
| 22 | 23 | 24 | 25 | 26 | 27 | 28 |
| 29 | 30 | 31 | ||||

foto Viviane Decock
© 2009 - Bart Caron // Design: Het Concept / Matthias Malfr