1328268156 Bart Caron Bart Caron: 2012-02-03T11:22:36Z Copyright (c) 2012, Bart Caron ExpressionEngine tag:bartcaron.be,2012:02:01 Cultuurplan voor Kortrijk maakt ambitie niet waar tag:bartcaron.be,2012:/2.1494 2012-02-01T10:19:35Z 2012-02-03T11:22:36Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Het plan van de cultuurintendant zou gisteren, dinsdag 31 januari worden voorgesteld. Ook gisteren werd er een verenigde raadscommissies over aangekondigd om 18u30, via een uitnodiging die om 15u dezelfde dag vertrok. Het onderstreept het weinige belang dat de stad aan zo’n cultuurplan besteedt.
Wat een rommelige organisatie, wat een gebrek aan respect voor de raadsleden. Na discussie werd de vergadering net voor het begin ervan afgeblazen. Uit eerlijke schaamte werd het vandaag aan de gemeenteraadsleden rondgestuurd. De grondige discussie zal volgende maand op de gemeenteraad plaatsvinden. De Groene gemeenteraadsleden zullen daar dan ook het debat voeren.

Onze eerste reactie is echter niet zo positief.
Dat cultuurintendant Wim Vanseveren pleit voor duidelijke keuzes en intelligente samenwerkingen, stond al in eerdere studies en in zijn eigen visienota over Cultuurbeleid dat Bart Caron in 2006 publiceerde.
Niks nieuws onder de zon: Kortrijk staat aan de top in Vlaanderen staat qua investeringen voor cultuur, maar geniet niet zoveel uitstraling. Als Kortrijk zich meer wil onderscheiden, dringen keuzes zich op. Minder doen, maar beter, zeggen wij ook al vele jaren. Heeft de stad de cultuurintendant moeten inhuren om een conclusie te trekken die iedereen die bij het culturele leven betrokken is, al lang had getrokken? Want ja, dat is cultureel Kortrijk: van alles een beetje en in niets de top.
Studies van Eric Temmerman, Guido Debrabandere, Rudi Laermans bevatten dezelfde conclusies.

Als het de opdracht is van de cultuurintendant om het Kortrijkse cultuurlandschap te hervormen om het op die manier klaar te zetten voor een succesvolle toekomst, dan kunnen we alleen concluderen dat de voorstellen in het rapport die ambitieuze doelstellingen bijlange niet benaderen.

Het rapport zelf is eigenlijk niet meer dan een managementdocument, een nota die een betere organisatie van de eigen stedelijke culturele instellingen voorstelt. Daarnaast stelt het rapport voor om in het centrum van de stad twee cultuurzones (de Leie-as en de as
Station-Schouwburg) te onderscheiden, met vier speerpunten (Vlasmuseum, Buda-eiland, bibliotheek en cultuurcentrum).
Daar is niks mee mis, ware het niet dat het rapport haast volledig voorbij gaat aan de professionele kunstenorganisaties van onze stad.
Deze organisaties bepalen grotendeels de naam en de faam van de stad buiten de muren. Die krijgen amper aandacht. Hetzelfde voor de amateurkunsten (harmonies en fanfare, toneelgezelschappen, koren, rockgroepen enz.) en voor het verenigingsleven en het vormingwerk.

Het is een verdienstelijk document, maar er worden in tegenstelling tot de titel geen expliciete keuzes voorgesteld, er wordt geen liefde uitgesproken voor de kunsten en de verenigingen, het is een document voor ‘t stad, met bitter weinig aandacht voor de randgemeenten.

We onderschrijven wel de keuze voor het Vlasmuseum, voor de ontwikkeling van het Buda-eiland, en een moderne bibliotheek. Daar was zo’n rapport echt niet voor nodig. Dat zeiden eerdere studies en rapporten al.
Daarvoor hebben we beleidsdaden nodig, politieke moed. Dat ontbreekt in Kortrijk. Helaas kan de cultuurintendant de plaats niet overnemen van trage haperende politici. Ik heb zelfs sterk de indruk dat Van Severen zich heeft moeten beperken in zijn ‘keuzes’ onder druk van de zittende meerderheid in het schepencollege.

En tenslotte, kan iemand ons uitleggen wat het belang is van zo’n strategisch, operationeel, beleidsplan voor de directie Cultuur., zes maanden voor de verkiezingen? Is de CD&V er zo zeker van dat te kunnen implementeren na de verkiezingen?

]]>
Wevelgemse helikopters, een schimmenspel? tag:bartcaron.be,2012:/2.1492 2012-02-01T09:42:34Z 2012-02-03T11:07:35Z Bart Caron bart.caron@telenet.be De omwonenden van de luchthaven van Wevelgem klagen al langer over de steeds toenemende overlast van helikopterverkeer op en rond de luchthaven. Daarover stelde Vlaams Parlementslid Bart Caron (Groen) een vraag aan Vlaams minister Crevits. Zij antwoordde dat er geen probleem is, en al helemaal niet in zomerse weekends, waarin de aan het vliegveld grenzende bedrijfjes à volonté luchtdopen aanbieden. Althans, officieel is er geen probleem, want al deze helikopters passeren onder de radar.
De milieuvergunning van de luchthaven Kortrijk-Wevelgem laat ruimte voor helikopterverkeer, al gelden er wel voorwaarden die de overlast voor de buurt moeten milderen, zeker in het weekend. Zo moeten helikopters aan de noordzijde van het vliegveld naderen, taxiën en opstijgen. Of ze dat ook doen, wordt door de omwonenden bestreden. Het luchthavengebruik voor helikopters werd verder nog beperkt in de bijzondere exploitatievoorwaarden. Zo zijn ‘touch and Go’-vluchten (doorstarten) op zon- en feestdagen verboden voor zowel helikopters als voor vliegtuigen. 4Touch and Go’s’ voor helikopters zijn ook verboden op zaterdag. Helikopters vallen ook binnen het actieplan (inclusief een jaarlijks voortgangsrapport) met het doel de geluidshinder continu te milderen. Het probleem is dat de voorwaarden voor de helikopters niet of moeilijk te controleren zijn. Bovendien worden alle uitgaande en inkomende helikoptervluchten minutieus bijgehouden in het officiële logboek van de luchthaven. “Dat is bijzonder vreemd, want tot op heden kregen wij steevast nul op het rekest wanneer we specifieke cijfers voor helikopters opvroegen,” moet Bart Caron vaststellen. “Helikoptervluchten werden niet afzonderlijk opgelijst, was steeds de uitleg. Nu blijkt uit het antwoord van de minister dat de aard van de vliegbeweging (vliegtuig of helikopter) moet worden bijgehouden in het vluchtregister van de luchthaven.”

Maar er is nog meer vreemds aan de hand. Talrijke bedrijven die helikoptervluchten aanbieden, huizen aan het Vliegveld in Wevelgem, de straat langsheen het luchthaventerrein. Deze bedrijven zijn door een vaste afsluiting afgescheiden van de eigenlijk luchthaven, al zijn er enkele poorten die toegang tot de luchthaven verlenen. De helikopters die bij deze bedrijven opstijgen of landen, doen dat illegaal en komen ook niet in de statistieken van de luchthaven terecht. Ze hoeven zich evenmin te storen aan de beperkende voorwaarden die werden opgelegd in de milieuvergunning van de luchthaven.

Wat blijkt nu nog meer uit het antwoord van de minister? Geen enkel bedrijf uit de omgeving van de luchthaven beschikt over een milieuvergunning voor de exploitatie van een commerciële helihaven. Een dergelijke vergunning is sinds de Vlarem-wijziging van 2009 nochtans noodzakelijk.
“Het is onbegrijpelijk dat deze illegale situatie nu al drie jaar lang ongehinderd door kan gaan, zonder de nodige vergunningen.” Aldus Carlo De Winter, voorzitter van Groen Wevelgem.

Groen vraagt dat de helikopterbewegingen voortaan worden opgenomen en afzonderlijk zichtbaar zijn in de statistieken van de luchthaven en stelt dat alle vluchten via de luchthaven gebeuren, en niet rechtstreeks via bedrijven en hun eigen parking.

]]>
Een staking voor meer rechtvaardigheid? tag:bartcaron.be,2012:/2.1491 2012-01-29T20:28:41Z 2012-01-29T23:34:42Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Is de staking van maandag terecht? Waarom zo snel en zo hard? Er zijn binnenkort sociale verkiezingen. Dat wakkert natuurlijk de animositeit stevig aan. De vakbonden bieden tegen elkaar op in straffe taal. Dat scherpt hun gevoeligheid aan, en dat leidt alras tot acties zoals een staking. De context is stakingsgevoelig. Zeker als er ministers als Q of Steven Vanackere olie op het vuur komen gieten. De eerste met zijn brutale bek over de pensioenen en de pensioenleeftijd en de tweede met zijn voorstel om een index over te slaan ten gunste van het bedrijfsleven. Dat is toch een faux pas voor een ACW-er.
Het regeerprogramma van Di Rupo I kan je moeilijk sociaal noemen. Misschien maar best dat er socialisten in zitten, anders was het nog veel erger geweest. De regering van het minste kwaad? Goed dat Groen via dat soort maatregelen niet uit de portefeuilles van de mensen steelt. Immers, vooral de middenklasse, en vooral de lagere middenklasse, mag de extra-lasten torsen. De rijken ontsnappen veel makkelijker, weer eens. Met dank aan de vrienden uit de liberale en rechtervleugelende CD&V.  Dat alleen rechtvaardigt de staking van morgen.
Maar ja, aan de pensioenen moet worden gesleuteld, vooral aan de duur van een loopbaan. Er zijn nog steeds veel stelsels waar mensen te vroeg op pensioen kunnen gaan. Dat drukt door de snelle vergrijzing op het budget van de sociale zekerheid. Iets langer werken moet dus wel. a kan je niet vragen van de mensen om én langer te werken, én tegelijk tijdskredieten inkorten. Sommige jobs kan je nu eenmaal niet gegarandeerd tot je 65ste doen. Dakdekker, wegenwerker, leraar ... Willen we dat deze mensen langer werken, dan moeten werkgevers alternatieve jobs ontwikkelen voor deze mensen. Maar dat gebeurt niet.
De pensioenen verlagen, zoals bij sommige beroepsgroepen dreigt, dat is absoluut onaanvaardbaar. Terecht dat de spoormannen boos zijn. We hebben al van de laagste pensioenen in Europa.
Er moet dus wel werk gemaakt worden van een vernieuwing en harmonisering van de vele pensioenstelsels. Het is duidelijk dat alleen een rechtvaardige verdeling van (pensioen)lasten en -lusten de conflicten (o.a. tussen generaties) in de toekomst kan vermijden. Daar zijn we nog ver van af. Eenvoudig is het niet, ons rechtvaardigheidsgevoel is moeilijk te vertalen in regelingen. Moeten we streven naar een systeem van een vast pensioen voor iedereen? Iedereen die 45 jaar werkte hetzelfde pensioen? Ik wil er toch over nadenken. Ja, maar zonder risico’s is het niet: het levert voor grootverdieners de ruimte om tijdens hun carrière een mooie spaarpot voor een eigen aanvullend pensioen aan de kant te leggen. En dat is iets wat mensen met een gewoon inkomen niet in die mate zullen kunnen doen. Versterken we daardoor niet de ongelijkheid? De huidige fiscale aftrek van het pensioensparen is er een voorbeeld van. Wie veel belastingen betaalt heeft meer profijt dan wie er minder betaalt. Aan welk rechtvaardigheidsgevoel beantwoordt dat? Dat verschil mogen we echt niet verder uitdiepen.

En er is nog veel meer in het geding: de toekomst voor de zachte sectoren zoals gezondheidszorg, welzijn, onderwijs en cultuur zijn in het geding, energieprijzen, de gevolgen van de klimaatverandering, het uitblijven van een groene economie enz… Alle begrip dus voor de stakers.

En toch is die staking misschien iets te voorbarig, te snel, te onhandig ... Ze stoot ook veel gewone mensen tegen de borst, mensen die hard werken en best wel een rechtvaardig hart hebben. De vakbonden moeten deze regering kritisch bekijken en volgen, maar misschien niet meteen beginnen met het strafste wapen, een staking, eigenlijk al de tweede in een goede maand tijd. En we moeten de economische realiteit ook wel onder ogen zien, evenals de noodzaak om langer te werken en ook de pensioenleeftijd eerlijk te bepalen. Laat ons beginnen met de carrière van de parlementariërs, wijzelf dus. Na 20 jaar dienst een volledig parlementair pensioen? Het is niet rechtvaardig.

]]>
Toch geen knip in het cultuurbudget? tag:bartcaron.be,2012:/2.1490 2012-01-25T15:51:30Z 2012-01-25T17:02:31Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Na Kris Peeters heeft nu ook Joke Schauvliege verklaard dat er genoeg is bespaard in het beleidsdomein Cultuur. Het lijkt wel een echo van mijn toeter. Al maanden schreeuw ik van de daken dat verder snijden in cultuursector een aanslag op onze beschaving is. Er is al geknipt, gehakt en vooral geschaafd. Niet abnormaal, als het slecht gaat met de kas van de overheid, moet iedereen zijn steentje bijdragen. Er is overal wat vet op de soep. Maar verder gaan is snijden in de spieren.
Kunst en cultuur zijn bouwstenen van onze samenleving, minstens zo nodig als een goed draaiende economie. Kunstenaars geven elk een andere kijk op de samenleving, op menselijke relaties en gebeurtenissen. Ontroering, verstilling, verwarring, verbazing, veel oh’s en ah’s, er zijn zoveel zo typisch menselijke kwaliteiten die met kunstbeleving en - beoefening verbonden zijn.

Ik en blij dat beide ministers tot het wijze inzicht zijn gekomen dat je niet meer mag afkorten op het cultuurbudget. Mijn pleidooien van de voorbije twee jaar, maar nog meer die van zovele kunstenaars, sociaal-cultureel werkers en erfgoedzorgers, zijn niet in dovemansoren gevallen. Oef? Ik weet het zo niet. Mijn collega’s van het VB en LDD openden woensdag de oorlog en schoten op de uitspraken van de excellenties. Kunstenaars zijn subsidiejunkies. De overheid kan die subsidies makkelijk schrappen. Wie naar het cultuurcentrum wil, moet maar de echte kost betalen. Cultuur is maar versiering, hooguit de kers op de taart. De eeuwige terugkeer van de barbaren, is de titel van het boek van Alessandro Baricco. Collegae Dewinter en Vereeck zouden gewoon nu en dan eens boek moeten lezen.

De kernvraag is: waarom zou de overheid kunst en cultuur moeten financieren? Is dat wel zo nodig? Er bestaat grosso modo een eensgezindheid dat de overheid verantwoordelijkheid moet nemen voor de productie van collectieve goederen en diensten, dat ze moet instaan voor taken die anderen niet of onvoldoende behartigen. Daar horen de zogenoemde onrendabele maar maatschappelijk verantwoorde diensten bij. Dit zijn het onderwijs, gezondheidszorg, welzijn en (delen van) cultuur. Denk aan erfgoedzorg of openbare bibliotheken, kunstcreatie, de toegang tot cultuur, het sociaal-cultureel verenigingsleven ... 
Ook de herverdeling van de inkomens is een taak van de overheid. De overheid herverdeelt geïnde belastingen en investeert in sociale goederen en diensten. Cultuur is zo’n goed.

Eigenlijk is het een vrij eenvoudige kwestie. De overheid moet ondersteuning (subsidie, infrastructuur ...) geven aan een cultuurproduct (of de deelname eraan) als het waardevol en/of kwaliteitsvol is, en als het niet zou kunnen gemaakt worden of overleven zonder die bijdrage van de overheid. De overheid moet niet tussenkomen als het leefbaar is, als het niet kwaliteitsvol of waardevol is. En vaak is de steun van de overheid tijdelijk, ter ondersteuning van een carrière zoals in de beeldende kunst, of projectmatig zoals voro een film. In mijn boek ga ik daar uitgebreid op in. Verder kan je bewijzen dat de impact op de economie en op werkgelegenheid groot is, dat ze het de uitstraling van Vlaanderen schraagt, dat het een vorm van innovatie en onderzoek is, enz.

Zijn Joke Schauvliege en Kris Peeters nu rijp voor een heiligverklaring? Zijn ze bezig aan een mirakel? Ze vertolken een belangrijke – de dominante? - onderstroom in de samenleving. En die is merkwaardig genoeg positief voor de cultuurwereld. Het gevolg van een stevig cultuurbeleid de voorbije decennia, van het succes van onze kunstenaars in het buitenland, en ook het geloof in de noodzaak ervan? Voorzichtig optimisme overvalt mij. Alle sprekers van de meerderheidspartijen sloten zich bij de excellenties en bij mij aan en bevestigt mijn optimisme. On verra.

Een mens leeft niet van brood alleen ...

]]>
Verhuist de VRT naar Hilversum? tag:bartcaron.be,2012:/2.1489 2012-01-18T13:55:50Z 2012-01-18T16:27:51Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Het huidige gebouwencomplex van de VRT is verouderd. Ooit geweest? Het lijkt wel Oostblok-architectuur. Roemenië in Brussel. Het is een totaal afgeleefd gebouw, onefficiënt, met heel slechte energieprestaties - op een infrarode luchtfoto lijkt het wel de kachel van Brussel. en het is slecht gelegen! Je geraakt er niet met de trein, het ligt ook ver van een groot station, zodat je met bussen en trams lang onderweg bent om er te geraken. De wegen ernaar toe zijn vaak dicht geslibt. De renovatie, waarvan de eerste fase wel is uitgevoerd, kost handenvol geld. Allemaal redenen om na te denken over een verhuis. Naar een goed bereikbaar gebouw, efficiënt, energiezuinig, eenvoudiger en goedkoper in onderhoud en exploitatie. Centraal in Vlaanderen. Een nieuwbouw op de bestaande locatie van de VRT is uiteraard ook mogelijk, evenals een verhuis naar een andere locatie in Brussel of daarbuiten. Maar als de VRT in Brussel blijft, dan moet in sowieso iets gebeuren aan de bereikbaarheid met het openbaar vervoer. Voor velen is een blijvende aanwezigheid in Brussel symbolisch zo belangrijk - Brussel is onze (culturele) hoofdstad ... Dat is een juist argument, maar in de praktijk delen wij die site en de gebouwen vandaag wel met onze Waalse vrienden van de RTBf. Welk symbool is dat? Dat het hoofdkwartier en de nieuwsdienst van de VRT in Brussel blijft, ja dat vind ik wel juist. Is dat emotioneel? Of is dat politiek-strategisch noodzakelijk voor Brussel en voor Vlaanderen?

Vooral de wijze waarop een mogelijke verhuis nu in het nieuws komt, is eigenlijk geen blijk van een professionele aanpak. Een mogelijke verhuis geraakt bekend via een speech van Bart Somers…. Toevallig een stadsgenoot van Luc Van Den Brande? Heeft Caroline Gennez gebeld met Ingrid Lieten? Heeft Ingrid Lieten nagelaten te bellen met Pascal Smet die vanzelfsprekend Brussel moet verdedigen?
Hoe dan ook, als de VRT wenst te verhuizen of nieuwbouw neerzet, wat op middellange termijn alleen winst oplevert, moet ze dat doen op basis van duidelijke criteria en uitgangspunten, van een bouwprogramma en een lastenboek, grondig terreinonderzoek en maximale efficiëntiewinst. Daarbij moet zeker de mobiliteit een doorwegend criterium zijn, naast een energiezuinig en dus passief gebouw enz. De inbreng van de steden moet duidelijk en transparant zijn, de timing helder. Wij hebben de indruk dat wat nu naar buiten komt improvisatie is. Of sterker, de oude politieke cultuur - ons kent ons - haalt de bovenhand. Het politieke wheelen en dealen is begonnen?

]]>
De hoofdcommissaris van politie gaat zijn boekje te buiten ... tag:bartcaron.be,2012:/2.1488 2012-01-18T10:28:52Z 2012-01-18T11:28:53Z Bart Caron bart.caron@telenet.be We mochten in de krant lezen dat de Kortrijkse politie in de begroting voor dit jaar geen extra geld zal krijgen van de stad. De politie had om een verhoging van het budget gevraagd met twee procent. De hoofdcommissaris reageert vandaag op een manier die niet echt geruststellend is voor de Kortrijkse bevolking. Hij stelt namelijk dat als de politie geen verhoging van het budget krijgt, er minder agenten op straat te zien zullen zijn.

Groen betreurt de uitspraken van de politiecommissaris. Er is op de vorige gemeenteraad afgesproken dat er op de gemeenteraad van 6 februari een grondig debat zal worden gevoerd over de veiligheid in Kortrijk. De burgemeester verklaarde dat hij gegevens en cijfermateriaal zal laten opstellen door politie. Dat maakt een objectieve discussie mogelijk.
Dat debat moet grondig en objectief worden gevoerd, dat vindt ook Groen.

Het is dan ook allesbehalve correct dat de commissaris het debat eigenlijk hypothekeert. We pikken de voorafname aan het debat ‘besparen = minder blauw op straat’ niet. Het zou best kunnen dat er een verhoging moet komen van de dotatie aan de politie, wat dan moet blijken uit dat debat op de gemeenteraad.
Het is trouwens bekend dat de politiezone Vlas een van de meeste commissarissen in dienst heeft van alle Belgische politiezones. Er zit dus genoeg politie op kantoor, maar er komt er te weinig op straat, zo is toch ons aanvoelen. De politie moet ook de interne organisatie kritisch bekijken.

Daarnaast stoort het Groen dat onze politiecommissaris zich opnieuw publiek uitspreekt over het te voeren beleid. Hij gedraagt zich als een politicus, terwijl hij dat niet is. Als hij zo graag zelf in beeld komt, moet hij kandideren bij verkiezingen. Groen stoort zich buitengewoon aan zijn recente reeks van ‘straffe uitspreken’. Vorige maand was hij nog het straathoekwerk aan het uitlachen, een paar maanden geleden verklaarde hij dat politiecontrole aan zonde 30 bij scholen geen prioriteit was, nu pakt hij het stadsbestuur en de gemeenteraad koudweg, Wij wachten nog op zijn geïntegreerde visie op het politiewerk. Waar blijft die? Wij adviseren hem zich niet meer als politicus te gedragen, en dus even te zwijgen en te wachten op het ernstig en onderbouwd debat. We adviseren hem zeker te stoppen met het zaaien van angst. Daarmee voedt hij alleen extreem rechts.

]]>
Enquête Scheermolenerf Aalbeke of hoe de stad ruzie tussen bewoners aanwakkert tag:bartcaron.be,2012:/2.1486 2012-01-18T10:25:09Z 2012-01-18T11:26:10Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Het stadsbestuur organiseert momenteel een enquête bij de bewoners van de Garenwinderstraat en het Scheermolenerf in Aalbeke. Daarin wordt gevraagd of de bewoners vinden dat er al dan niet doorgaand verkeer mag zijn door wijk en zo niet, waar de straat of wijk moet worden afgesloten.
Het is goed dat stad Kortrijk de burger betrekt en laat stemmen. Groen! is voor zoveel mogelijk inspraak van de burgers. Maar dan moet de stad via de enquête duidelijke vragen stellen, en zeker niet suggereren om de wetgeving van een woonerf naast zich neer te leggen. Daarenboven is de vraagstelling zo verwarrend dat de uitkomst niet anders dan onduidelijk kan zijn. En er komt onnodige ruzie van tussen de bewoners.

Bij de mogelijke antwoorden staat o.a. het voorstel om nergens paaltjes te zetten, omdat ‘er geen probleem is van doorgaand verkeer’. Dat is je reinste nonsens. Het Scheermolenerf is een woonerf en daar hoort doorgaand verkeer niet thuis. Het verkeersreglement is daarover duidelijk: binnen de woonerven mogen de voetgangers de ganse breedte van de openbare weg gebruiken, spelen is er eveneens toegelaten. De bestuurders mogen de voetgangers niet in gevaar brengen en ze niet hinderen en de snelheid is beperkt tot 20 km per uur. De weg mag niet verdeeld worden in een rijbaan en een trottoir. De De woonfunctie moet voorrang hebben en het doorgaand verkeer moet er beperkt worden. De optie om doorgaand verkeer toe te laten is dus onwettelijk. De stad moet een beetje moedig zijn en dat niet ter overweging inbrengen. Het zou leiden tot een sterke toename van de verkeersdrukte als gevolg van sluipverkeer dat Aalbekeplaats wil vermijden. Daarenboven is en jaar geleden al gebleken dat doorgaand verkeer in de wijk dit tot bizarre en gevaarlijke situaties leidt, bijvoorbeeld vrachtwagens die zich in de nauwe straten vastrijden.
Groen! meent dat een woonerf moet gerespecteerd worden. Meer zelfs, we bepleiten dat de stad het oorspronkelijke plan toepast. Dat is het veiligste, het meest kindvriendelijke en het best leefbare. De Garenwinderstraat, officieel geen woonerf, sluit aan bij het Scheermolenerf.

Met de andere vragen van de enquête wordt wel uitgegaan van het weren van doorgaand verkeer en het behoud van een verkeersarme wijk. De vragen gaan over de plaatsen waar er paaltjes moeten komen om dat verkeer te weren.
Dat kan inderdaad voorgelegd worden aan de bevolking. We steunen dat principieel. Maar ook dat is niet zo eenvoudig als het wel lijkt. Als in een bepaalde straat meer mensen wonen dan in een andere, dan zal hun voorkeur het wellicht halen, gewoonweg omdat ze hun numerieke meerderheid kunnen uitspelen. Is dat eerlijk?
Waarom legt de stad niet één of twee duidelijke voorstellen voor over de wijze waarop en de plaatsen waar paaltjes moeten komen om doorgaand verkeer tegen te houden? Dan zal de keuze van de bewoners duidelijk zijn, zelfs per straat. Nu worden vijf mogelijkheden voorgelegd, waarvan er twee zelfs nog vrij ingevuld mogen worden?

Wij hebben de stellige indruk dat het stadsbestuur hier meer aan dienstbetoon doet. Dat is kwalijk, het jaagt de bevolking van de wijk tegen elkaar in het harnas. Warme stad? Nee, wel een stad waar de wet van de sterkste geldt. De stad gaat al te snel in op het eigenbelang van enkele personen die hen benaderd hebben. Een beetje moed en een goede enquête zouden de buurt nog veel leefbaarder maken.

]]>
Motie rond de Gemeentelijke Holding en Dexia tag:bartcaron.be,2012:/2.1485 2012-01-18T10:19:42Z 2012-01-18T11:24:43Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Omdat we het beu zijn om als stad en als burger andermaal op te draaien voor het onverantwoorde risicogedrag van banken, dienden we volgende motie in op de gemeenteraad. We vragen hierin aan zowel de federale als de Vlaamse overheid om de zaak ten gronde te onderzoeken, om zo dergelijke debacles in de toekomst te vermijden.

In september 2009 heb ik tijdens deze gemeenteraad, bij punt 41. Kapitaalsverhoging voor de gemeentelijke holding, deze tussenkomst gehouden. Ze werd toen weggewuifd door schepen Alain Cnudde .... Ik zei toen (tekst ingekort):

“De Gemeentelijke Holding zit in de rats. Als tweede grootste aandeelhouder van Dexia, heeft de Gemeentelijke Holding in oktober 2008 een half miljard euro vers kapitaal in Dexia geïnjecteerd, om deze bank van het faillissement te redden. (...) De Gemeentelijke Holding moet dus méér eigen middelen verzamelen, en vraagt daarom vers geld aan haar bestaande aandeelhouders: de gemeenten. (...) Wij vinden dat het niet de rol is van gemeenten om te participeren in Dexia. “
Ik haalde toen als redenen o.a. aan dat geen enkele belegging op tien jaar 13% opbrengt. Als iets te mooi klinkt om waar te zijn, is het niet waar. Ik (BC) heb toen gewaarschuwd voor de mogelijke gevolgen.

De problemen en redding van Dexia hadden/hebben grote gevolgen voor de toekomst van de Gemeentelijke Holding. Er is wel een akkoord afgesloten over de vereffening van de Gemeentelijke Holding, niet zonder financiële gevolgen. Ook voor Kortrijk is er een financiële impact (aandelen ter waarde van 501.000 euro en de dividenden), weliswaar geen financiële ramp voor de stad. In het verleden is er trouwens een veelvoud aan dividenden geïnd.

De stad Kortrijk heeft op de kapitaalsverhoging ingeschreven; ik wil aannemen in volle vertrouwen. Maar wat blijkt nu? Onze stad is misleid. Ook wij allemaal, de raadsleden zijn misleid.
Zo kunnen we dat toch niet laten. Wij menen dat het nodig is de politieke verantwoordelijkheden voor dat fiasco op te helderen. Het lijkt er op dat de bestuurders binnen de Gemeentelijke Holding kritiekloos de lijn van Dexia volgden, om daarna de gemeenten onder druk te zetten met een kapitaalsverhoging voor preferente aandelen. Het zou logisch zijn dat het Vlaams Parlement op korte termijn de verantwoordelijkheden wat de Gemeentelijke Holding betreft nader zou onderzoeken en aanbevelingen formuleert. De federale Kamer van Volksvertegenwoordigers zou daarnaast een gelijkaardig onderzoek moeten instellen met betrekking tot Dexia.

Daarom willen we de volgende motie voorleggen.

Overwegende dat
1° er een akkoord is over de vereffening van de Gemeentelijke Holding;
2° de federale en regionale overheden voor de tweede maal een reddingsoperatie hebben moeten opzetten voor Dexia en dat dit zware financiële gevolgen heeft
3° de vereffening financiële repercussies heeft voor onze stad;
4° het noodzakelijk is om op korte termijn nieuwe regelgeving uit te werken voor de banken;

vraagt de gemeenteraad van Kortrijk het Vlaams Parlement

Een onderzoekscommissie op te richten die
1. een onderzoek instelt naar de oorzaken van het falende beleid van de Gemeentelijke Holding en de verantwoordelijkheden ter zake;
2° een nieuwe reeks van aanbevelingen formuleert om een herhaling van een dergelijk catastrofescenario bij vergelijkbare beheersopdrachten in de toekomst te vermijden;

en vraagt de gemeenteraad van Kortrijk de federale Kamer van Volksvertegenwoordigers

Een onderzoekscommissie op te richten die
1. een onderzoek instelt naar de oorzaken van het falende beleid van Dexia en de verantwoordelijkheden ter zake;
2° een nieuwe reeks van aanbevelingen formuleert om een herhaling van een dergelijk catastrofescenario bij vergelijkbare beheersopdrachten in de toekomst te vermijden.

]]>
GAS-sanctie voor beledigen agent? tag:bartcaron.be,2012:/2.1484 2012-01-18T10:14:13Z 2012-01-18T11:19:14Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Een gezagsdrager beledigen, kan je in Kortrijk een gemeentelijke administratieve sanctie opleveren. Voor ons zet dit de deur voor machtsmisbruik op een kier, vandaar dat we volgend amendement indienden tijdens de gemeenteraad:

Het voorstel van dit amendement bestaat erin de volgende passage uit de beslissing van de gemeenteraad te schrappen. Het voorstel gebaseerd op artikel 444 van het strafwetboek. Dat bepaalt de strafmaat voor de schuldige en de omstandigheden die al dan niet verzwarend kunnen zijn. Wij menen dat laster, eerroof, belediging, voldoende geregeld worden door het strafwetboek en dat de rechtbanken hier moeten handelen. Indien een ‘drager van het openbaar gezag’ daar voldoende rechtsmiddelen uit put. De invoering van een dergelijke bepaling in het GAS schept minstens de indruk dat de politie vooral om zichzelf bekommerd is. Wat zal er trouwens gebeuren als een agent een pv opstelt om te zeggen dat iemand hem beledigd heeft, en als er geen getuigen à charge of decharge zijn? Wie krijgt gelijk? Zal het gehanteerd worden als dreigmiddel ten aanzien van mondige burgers, van wie de mondigheid al snel als belediging zal worden geacteerd?
De politie moet de burgers helpen en beschermen. Zijn er echt geen andere prioriteiten in het politiebeleid? En het is toch niet omdat het parket vaak seponeert – wie zegt dat niet terecht is? - dat de stadsdiensten nu moeten optreden.
Daarenboven bepaalt dit artikel van de politieverordening ook dat het verboden is iemand door geschriften, prenten of zinnebeelden te beleden ... Ook hiervoor volstaat het strafwetboek. Het kan toch niet de bedoeling zijn dat elke vorm van kritiek, cartoons of harde uitspraken voorwerp moeten zijn van een procedure in het GAS. Het lijkt op een beginnende vorm van censuur op kritische teksten en tekeningen. Als ik beledigd wordt door een Kortrijkse blogger .... dan kan ik naar de rechter stappen ... of wil de stad dat elke persoon die vindt dat hij beledigd is daarvoor naar de GAS-ambtenaar stappen? Dat zal een bizarre waslijst opleveren…

Het feit dat Kortrijk de eerste stad in het land dat dergelijke bepaling in het GAS invoert, toont ook aan dat Kortrijk niet meteen de meest verdraagzame stad is, vrees ik ...


Voorstel:

In punt 10 Wijzigingen algemene politieverordening 2011. BIS de onderstaande passage te schrappen:

“2) Invoegen van de gemengde inbreuk beledigingen onder een nieuw artikel 159bis met volgende tekst :
Art. 159Bis (gemengde inbreuk - volgens artikel 448 Strafwetboek)
Het is verboden, hetzij door daden, hetzij door geschriften, prenten of zinnebeelden iemand te beledigen in een van de omstandigheden in artikel 444 Strafwetboek bepaald. Het is tevens verboden, in een van de omstandigheden in artikel 444 Strafwetboek bepaald, iemand die drager is van het openbaar gezag of van de openbare macht of die met een openbare hoedanigheid is bekleed, door woorden te beledigen in zijn hoedanigheid of wegens zijn bediening.”

]]>
Mijn goede voornemens voor 2012 tag:bartcaron.be,2012:/2.1483 2012-01-13T22:07:37Z 2012-01-13T23:07:39Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Je hebt zo van die dwangmatige tradities waar het onmogelijk aan te ontkomen is, al tracht je nog zo zeer. Neem nu die onlosmakelijk aan Nieuwjaar gelinkte ‘goede voornemens’. Vaak zijn ze cliché’s pur sang: Stoppen met roken, meer sporten, gezonder eten, de vuile sokken voortaan meer in dan naast de wasmand dunken,… Al even vaak blijft er twee weken na datum (nu dus ongeveer) niet zo veel meer van over.
Dat stoppen met roken is wel gemakkelijker geworden door het rookverbod in de horeca (behalve dan in het rebelse Brugge), maar ik weet me nog levendig te herinneren dat het een zware beproeving is. Een strijd die meer motivatie vergt dan een gratuit en lichtelijk beschonken in de nieuwjaarsnacht geuit ‘goed voornemen’. Maar ik kan het wel iedereen aanraden
Wat meer sporten is evenzeer ten zeerste aan te raden. Maar ga er maar tegenaanstaan als beginner vol goede voornemens, die al meteen in de eerste week van het jaar een herftstorm over zich heen krijgt, bakken water in zijn nek en windvlagen die zijn verzuurde kuiten geselen.
Gezonder leven: ook prima. Alleen hos je dezer dagen van receptie naar receptie. Netwerken heet zoiets. En dan slaan de christelijke mutualiteiten je ook nog eens om de oren met termen als ‘buikvet’ en statistieken die bewijzen dat je gewoonweg tot de meerderheid behoort wanneer je als man enkele overtollige kilo’s meezeult ter hoogte van de navel.

“‘Goede voornemens’: ik doe er niet meer aan mee.” Steevast trachtte ik dit motto te huldigen bij het begin van het nieuwe jaar. Je kon het zowaar haast mijn steeds weerkerende ‘goede voornemen’ noemen. Steevast slaagde ik er derhalve niet in het waar te maken. Je blijft nu eenmaal overlopen van de ‘goede voornemens’.
Alleen ben ik er dit jaar in geslaagd mijn ‘goede voornemens’ niet luidop te verkondigen. Ik vertrouwde ze mijn vrouw en kinderen niet toe, mijn collega’s liet ik in het ongewisse. Zelfs jullie, mijn geliefde blogvolgers, kregen ze niet lezen. Zo kan niemand mij twee weken na datum (nu dus ongeveer) al onder de neus wrijven dat ik niet bijster succesvol ben in de uitvoering ervan.
Het zelf beseffen is al erg genoeg.

En wat ik met mijn vuile sokken aanvang, reken ik tot mijn slaapkamergeheimen…

]]>
De hoofdcommissaris van politie gaat (weer eens) zijn boekje te buiten ... tag:bartcaron.be,2012:/2.1482 2012-01-13T15:24:08Z 2012-01-13T16:28:09Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Klik hier als je het hele bericht wil lezen

]]>
De hoofdcommissaris van politie gaat (weer eens) zijn boekje te buiten ... tag:bartcaron.be,2012:/2.1481 2012-01-13T15:21:28Z 2012-01-13T16:24:29Z Bart Caron bart.caron@telenet.be We mochten in de krant lezen dat de Kortrijkse politie in de begroting voor dit jaar geen extra geld zal krijgen van de stad. De politie had om een verhoging van het budget gevraagd met twee procent. De hoofdcommissaris reageert vandaag op een manier die niet echt geruststellend is voor de Kortrijkse bevolking. Hij stelt namelijk dat als de politie geen verhoging van het budget krijgt, er minder agenten op straat te zien zullen zijn.

Groen betreurt de uitspraken van de politiecommissaris. Er is op de vorige gemeenteraad afgesproken dat er op de gemeenteraad van 6 februari een grondig debat zal worden gevoerd over de veiligheid in Kortrijk. De burgemeester verklaarde dat hij gegevens en cijfermateriaal zal laten opstellen door politie. Dat maakt een objectieve discussie mogelijk.
Dat debat moet grondig en objectief worden gevoerd, dat vindt ook Groen.

Het is dan ook allesbehalve correct dat de commissaris het debat eigenlijk hypothekeert. We pikken de voorafname aan het debat ‘besparen = minder blauw op straat’ niet. Het zou best kunnen dat er een verhoging moet komen van de dotatie aan de politie, wat dan moet blijken uit dat debat op de gemeenteraad.
De politie moet ook de interne organisatie kritisch bekijken. Ongetwijfeld is er nog veel efficiëntiewinst te halen die het basispolitiewerk ten goede komt.

Daarnaast stoort het Groen dat onze politiecommissaris zich opnieuw publiek uitspreekt over het te voeren beleid. Hij gedraagt zich als een politicus, terwijl hij dat niet is. Als hij zo graag zelf in beeld komt, moet hij kandideren bij verkiezingen. Groen stoort zich buitengewoon aan zijn recente reeks van ‘straffe uitspreken’. Vorige maand was hij nog het straathoekwerk aan het uitlachen, een paar maanden geleden verklaarde hij dat politiecontrole aan zonde 30 bij scholen geen prioriteit was, nu pakt hij het stadsbestuur en de gemeenteraad koudweg, Wij wachten nog op zijn geïntegreerde visie op het politiewerk. Waar blijft die? Wij adviseren hem zich niet meer als politicus te gedragen, en dus even te zwijgen en te wachten op het ernstig en onderbouwd debat. We adviseren hem zeker te stoppen met het zaaien van angst. Daarmee voedt hij alleen extreem rechts.

]]>
De Kortrijkse politie op haar best tag:bartcaron.be,2012:/2.1480 2012-01-08T18:15:15Z 2012-01-08T19:17:16Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Het lijkt een fait divers, maar in Kortrijk is een vreemde man drie dagen lang opgesloten, al had hij correcte papieren, verbleef hij legaal in het land en kon hem geen misdrijf ten laste worden gelegd. Een foutje van de lokale politie ... Blijkbaar wordt elke vreemdeling een gevaar voor de samenleving. Over onze lokale politie valt veel te zeggen. Zo leggen ze vreemde prioriteiten. Onze politie kan de toenemende brutale overvallen niet de baas en heeft geen tijd heeft om controles te doen naar snelheidsduivels aan schoolpoorten. De politiezone Vlas, zo heet die, is in ieder geval het korps met de meeste officieren van het hele land. Die zitten bureauwerk te doen – wat is me een raadsel want een beleidsplan van de politie hebben we nog nooit gezien. Als de helft de straat zou opgaan, zou dat de veiligheid zeker evenveel ten goede komen.

Voor ik de politie, mijn vriend (!?) zwart maak, terug naar het Albanese raadsel. De feiten dus. Zamir Fusha is een Albanees die in Finland woont en familie heeft in Kortrijk. Met zijn zwangere echtgenote en zijn kinderen bezocht hij die de voorbije dagen. Niks bijzonders, toch? Hij ging trouwens cadeautjes kopen op oudejaarsdag. Toen hij de winkel uitkwam viel de politie op zijn nek. De man werd opgepakt en opgesloten in een cel van het lokale politiecommissariaat. Op nieuwjaarsdag werd Zamir gratis (sic) naar De Refuge in Brugge gereden. Dat is een gesloten opvangcentrum voor uitgeprocedeerde asielzoekers. Daar hielden ze hem twee dagen vast. Naar verluidt kwam hij pas na twee dagen vrij, na vele telefoontjes én na bemiddeling door de Finse Ambassade.

Beste lezer, veronderstel dat je hetzelfde zou overkomen in het buitenland ... Een fout maken kan iedereen overkomen, maar de blunder pas na drie dagen ontdekken? In iedere geval was de familie woedend. Of de man dan toch zou geseind zijn?  Of toch illegaal naar België zou zijn gekomen? Het was zijn derde bezoek aan België en tot vorige week had hij nooit problemen gehad. Zijn papieren zijn zoals ze moeten zijn, correct.

Eind goed, al goed? Nee. Nu begint het klassieke spelletje ‘mekaar de schuld geven’. Volgens de Dienst Vreemdelingenzaken heeft de politie een fout gemaakt, omdat zij de verblijfsvergunning van Zamir niet zou hebben gecontroleerd. De politie zegt dat ze wel correct heeft gehandeld. Die zegt dan weer dat het de schuld is van de Dienst Vreemdelingenzaken. Vreemd allemaal. Ik kan nog begrijpen dat een agent op oudejaarsdag in een speciale stemming verkeert, maar dit laten gebeuren? Was er geen enkele van die dure officieren op dienst? Allemaal op vakantie naar Tenerife?

En ja, onze burgemeester, Stefaan De Clerck van Kortrijk wil de zaak onderzoeken. Binnen enkele jaren krijgen we dan misschien wel de ware toedracht. Ten minste als ik zijn doortastendheid afmeet aan het tempo dat Justitie en het gevangeniswezen werd hervormd ... Fijne man, daar niet van. Hij mag mij maandag, op de gemeenteraad een serieuze uitleg geven.

Het zal je maar overkomen, op familiebezoek naar België komen en als dank voor je bijdrage aan de lokale economie drie dagen achter de tralies verdwijnen. Vuurwerk, dat moet die zaak zeker nog veroorzaken, al zal dat geen feestgedruis zijn.

]]>
‘De subsidieronde wordt een bloedbad’ tag:bartcaron.be,2012:/2.1479 2012-01-02T15:58:37Z 2012-01-02T17:11:38Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Vlaams Parlementslid Bart Caron (Groen!) pleit voor een krachtdadiger cultuurbeleid

Weg met het clichébeeld van de kunstenaar die aan het subsidie-infuus hangt. In het boek Niet de kers op de taart legt Bart Caron, cultuurexpert voor Groen! en voormalig kabinetschef van Bert Anciaux, haarfijn uit waarom Vlaanderen een krachtdadig cultuurbeleid verdient. ‘Kunst is zowat het enige wat Vlaanderen de wereld te bieden heeft.’

Lees het interview in De Morgen van 2 januari.

]]>
‘De subsidieronde wordt een bloedbad’ tag:bartcaron.be,2012:/2.1478 2012-01-02T15:51:15Z 2012-01-02T16:57:16Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Vlaams Parlementslid Bart Caron (Groen!) pleit voor een krachtdadiger cultuurbeleid

Weg met het clichébeeld van de kunstenaar die aan het subsidie-infuus hangt. In het boek Niet de kers op de taart legt Bart Caron, cultuurexpert voor Groen! en voormalig kabinetschef van Bert Anciaux, haarfijn uit waarom Vlaanderen een krachtdadig cultuurbeleid verdient. ‘Kunst is zowat het enige wat Vlaanderen de wereld te bieden heeft.’

Bart Caron was het beu. Beu om steeds weer te moeten horen dat “kunstenaars wel toffe peren zijn, maar of we ze echt moeten onderhouden met belastinggeld?” Of nog: “Dat ze misschien moeten uitkijken naar een echte job.” Daarom schreef hij een boek. In Niet de kers op de taart legt hij uit waarom een goed cultuurbeleid geen luxe, maar een noodzaak is. En dat doet hij met vuur en passie. Koppig vecht hij tegen clichés en vooroordelen, ook binnen zijn eigen biotoop: de politiek. “Een politicus die zich bezighoudt met cultuur is een marginaal, hé”, zegt hij. “Toch blijf ik voor cultuur vechten. Ik ben bang voor het neoliberalisme dat zo wild rond zich heen grijpt in onze politiek en samenleving. Noem mij een oude idealist, maar ik verfoei de tendens om alles aan zijn nuttigheidswaarde af te toetsen. “Het is zeer de vraag of de partijen die nu opgang maken, het cultuurbeleid dat in Vlaanderen tot een hausse in de kunsten heeft geleid en een maatschappelijk draagvlak voor cultuur heeft gecreëerd, zullen voortzetten.”

Gaat het niet verder dan partijpolitiek? Een debat over cultuur lijkt niemand in de Wetstraat nog te interesseren.
Caron: “Dat is niet zo nieuw. De politieke wereld is altijd al matig geïnteresseerd geweest in cultuur. Behalve dan als het over de grote successen ging. Als een film een buitenlandse prijs krijgt of Anne Teresa De Keersmaecker op het Theaterfestival van Avignon wordt uitgenodigd, dan zijn de Kris Peetersen van deze wereld daar. “Cultuur is voor de politiek altijd een marginaal verhaal geweest, terwijl kunst zowat het enige is wat Vlaanderen de wereld te bieden heeft. Ik overdrijf, maar toch. Wat hebben wij ooit uitgedragen? Onze schilderkunst, onze dans, onze muziek, ons theater. Als je dan toch iets typisch Vlaams wil hebben, behalve een internetextentie, neem dan toch onze kunst!”

De vraag is: waar eindigt de verantwoordelijkheid van de overheid en waar begint die van de kunstinstellingen en kunstenaars zelf. Is de wil binnen de sector wel groot genoeg om zelf middelen uit de markt te halen?
“Ik kan u verzekeren: de wil is groot. De meeste organisaties doen grote inspanningen om middelen uit de markt te halen. Van ticketverkoop over sponsoring tot mecenaat. Ik ben de voorzitter van het kunstencentrum Vrijstaat O. in Oostende. Wij halen meer dan de helft van onze middelen zelf op. “Maar er zijn inderdaad een paar instellingen die routineus op subsidies voortbestaan. Zij maken echter nog geen kwart van het culturele veld uit. Bovendien: waarom zoeken de meeste instellingen zo bedrijvig naar extra middelen? Niet om meer te verdienen, maar om interessantere dingen te kunnen maken! Noem mij eens andere sectoren uit de samenleving waar dat zo is. “Mijn verhaal is simpel: de overheid moet daar tussenkomen waar de markt dat niet kan. Anders zouden we te veel zinvolle kunst moeten missen.”

In uw boek bent u opvallend streng voor de culturele centra en bibliotheken. ‘Koning middelmaat regeert’, schrijft u.
“We hebben er ons zo makkelijk vanaf gemaakt. We hebben overal gebouwen neergepoot en boekenrekken gevuld, maar de programmering en educatie hebben we verwaarloosd. Het gevolg is dat de culturele centra massaal comedy en andere populaire genres programmeren en te weinig kiezen voor wat artistiek hoogstaander is. Dat mag, maar mag het ook iets meer zijn? Wat is er mis mee je reguliere publiek uit te dagen? Een beetje volksverheffing, waarom niet?”

U breekt ook een lans voor cultuurparticipatie. Hoe komt het dat dat zo’n vies woord is geworden?
“Perceptie. Men heeft de figuur van Bert Anciaux te snel weggezet als een volks figuur die weinig op had met de hoge kunsten. Een paar slip of the tongues(Anciaux noemde ‘De avonden’ van Gerard Reve ooit ‘De nachten’, ST) hebben dat beeld alleen maar versterkt. Wellicht hebben we het ook niet altijd goed uitgelegd. Daardoor ontstond het beeld dat cultuurparticipatie lijnrecht tegenover artistieke kwaliteit staat. Absolute nonsens, maar het stigma was er.”

U pleit voor een betere subsidiëring voor minder spelers. Bert Anciaux is het daar in zijn nawoord op uw boek grondig mee oneens.
“Net als Bert wil ook ik graag duizend bloemen laten bloeien. Laat iedereen maar subsidies vragen! Ik vind het een prachtig idee. Tot je naar de komende subsidieronde kijkt. Er zijn 275 kunstorganisaties die een dossier indienden en die vragen 39 miljoen meer dan in de vorige ronde werd toegekend. Dan kun je dromen en hen allemaal middelen geven. Er zal een fantastisch aanbod zijn voor halflege zalen. We moeten helaas vaststellen dat onze samenleving geen duizend bloemen wil. In het beste geval vijfhonderd misschien.
“Als overheid kun je het dan hard spelen en driekwart van de aanvragen de vuilnisbak inkieperen. Of je kan vooraf vastleggen welk cultuurlandschap je wil. Ik pleit voor zo’n inhoudelijk kader waarbij vooraf uitgetekend wordt hoeveel en welke theatergezelschappen je wil, hoeveel symfonische orkesten, ... . Dan zul je zien dat al die bloemen naar elkaar toe groeien. Organisaties en spelers zullen als vanzelf gaan samenwerken.”

Minister Schauvliege werkt niet met zo’n inhoudelijk kader.
“En dat is meteen mijn grootste verwijt aan haar adres. Anciaux stelde tenminste prioriteiten. Maar wat doet minister Schauvliege? Abstracte aandachtspunten formuleren voor de commissies die de subsidiedossiers beoordelen. Ik vind dat tjeverig. Dan vraag je toch om een machtsstrijd binnen de beoordelingscommissies? “Het is niet aan de overheid om artistieke oordelen te vellen. Maar zij moet wel een een algemeen schema aanreiken dat de commissies als leidraad kunnen gebruiken. Schauvliege laat de commissies haar vuile was doen. Ik vind dat een minister van Cultuur keuzes moet durven maken - maar dan geen keuzes à la ‘Ik wil meer repertoiretheater’, maar meer abstracte keuzes, die orde scheppen in de chaos.”

Wat wordt de uitkomst van de nieuwe subsidieronde?
“Het wordt een bloedbad. Daarom steun ik Joke Schauvliege in het zoeken naar extra middelen voor de projectsubsidies. Die heeft ze beloofd, maar ze vindt geen geld. De begroting staat dan ook onder grote druk. Maar koste wat kost moet vermeden worden dat ze de middelen uit de pot voor de structurele subsidies moet halen.”

Toch vreemd dat de sector nauwelijks reageert. ‘Hang de ambetanterik uit’, maande cultuursocioloog Pascal Gielen bij de opening van het Theaterfestival, maar zijn oproep lijkt in dovemansoren te zijn gevallen.
“Ik sta er zelf ook van te kijken. Aan al wie roept dat kunst en cultuur een linkse hobby is, kijk eens wat een brave mensen het allemaal geworden zijn! De angst regeert. Door de besparingen is er een ‘elk voor zichzelf’-mentaliteit ontstaan. Pijnlijk om vast te stellen dat niemand openlijk een vuist maakt, zeker omdat ik vele spelers in het culturele veld ken en weet hoe gedreven ze eigenlijk zijn.”

SARAH THEERLYNCK
© 2012 De Persgroep Publishing

]]>
Nieuwjaarwensen en scheldproza tag:bartcaron.be,2011:/2.1477 2011-12-29T18:00:51Z 2011-12-29T19:03:53Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Nieuwjaarwensen. ik verstuur ze aan iedereen die in mijn adresboek staat. Altijd een beetje spannend welke reacties daarop komen. Veel nietszeggende, van beleefdheid bulkende antwoorden, vaak zelfs haast anoniem, helaas zelden met een persoonlijke touch. Naar die laatste kijk ik reikhalzend uit. Ik kreeg toch enkele mooie reacties. Maar ik krijg ook zeer negatieve antwoorden. Sommige mensen vinden er hun plezier in om stront over politici heen te kieperen. Ze maken geen onderscheid tussen ‘politiekers’ van de verschillende partijen.  Allemaal eender. Ze steken ze allemaal in dezelfde zak en gooien ze dichtgebonden in de Leie.
Ik stoor mij wel aan dit soort proza. Leuk is anders. Ik doe soms nog de moeite om te antwoorden en uit te leggen wat ik zoal uitricht.

Mijn eigen nieuwjaarswensen zoals ik ze mailde klinken zo:
Een ontroerende toneelvoorstelling, een tot nadenken stemmende film, een confronterende tentoonstelling, een adembenemende circusact, een verrassende cursus, het zijn gewaarwordingen die je niet kunt uitdrukken in categorieën als financiële opbrengst of de bijdrage tot het bnp. De enige maatstaf lijkt me het menselijke geluk. Maar hoe je dat moet uitdrukken, daarvoor heeft nog geen enkele wetenschapper een eenheid kunnen bedenken. Dat geluk, of liever de bijdrage van kunst en cultuur tot het bruto nationaal geluk, is zoiets als een overtuiging. Ze houdt steek omdat kunst – zowel kunst maken als ervan genieten door ernaar te kijken of te luisteren – de meest menselijke kwaliteit is die we we kennen. En omdat ze, zonder er dwang op te leggen, bijdraagt tot een betere wereld.
Wij wensen je in 2012 een jaar toe vol mooie momenten en ontmoetingen.

Hieronder staat, vooral voor de lezer met enig onderscheidingsvermogen, een kleine selectie citaten uit reacties. Ik laat de bronvermelding achterwege, uit respect voor de stellers van dit soort proza. Tik- en taalfouten laat ik ongemoeid.

Nogmaals een ELITAIRE bedoening. Welk” volk” ga je daramee “gelukkig of gelukkiger maken”?
Als dit inderdaad de maatsctaf moet zijn, ja, ... (...) De meest mesnelijke kwaliteit is solidariteit. Maar de pseudo-linkse “kunst-elite”  is daarvan geen voorstander, o nee, integendeel: ze is sterk in overheidssubsidies te reclameren om hun korporatistisch, marginaal handeltje drijvend te houden, ten koste van sociale noden te leningen.
En ja, kunst is elitair. Alleen reeds wat er gerangschikt wordt onder “kunst”, is van het zotste af. De pseudo-intellectuele linksen, waar jij een prominent lid van bent, vieren er hun hoogmissen. En menen oprecht dat ze wereldmoraalridders kunnen en mogen zijn, en zijn. (...) En de enige “binding” met het volk, met de basis, is dat dit volk wel moet betalen voor allerlei subsidies voor marginale “kunstverschijnselen”.
Geef het kunstensubsidiegeld aan arme stakkers die een klein leefloontje/pensioentje ontvangen. Daarmee zou/zal je nu wel eens meerdere mensen gelukkig(er) maken.
Maar ja, ervaring leert dat linksen er enkel op uit zijn hun eigen geluk voorop te stellen.

Heel vreemd dat ik dit jaar gelukwensen krijg en vorig jaar niet. Zitten de gemeenteraadverkiezingen daar voor iets tussen ??? (...) Neen, deze mail is enkel en alleen om u een zalig 2012 toe te wensen, want wij -politiekers- hebben geen bijbedoelingen.

Ik vraag me trouwens af waarom een politieker -zoals u- maar een loopbaan van 20 jaar moeten hebben om een volledig pensioen te hebben en dat wij -als gewone bediende- het dubbele moeten doen. Ik vraag me af waarom een politieker -zoals u- na 4 jaar in het parlement te hebben ‘gezeten’ een pensioen krijgen van meer dan 1200 €. Ik zeg heel duidelijk ‘gezeten’ want wat doet een volksvertegenwoordiger in het parlement ? Wat is zijn verdienste in die 4 jaar, wat is uw verdienste ?
(...) Als politieker moeten jullie zich soms echt schamen. Heel wat mensen verstaan jullie niet meer en heel wat mensen keren de politiek de rug toe met gevolg dat velen een soort van proteststem willen uitbrengen, met alle gevolgen vandien. Men oost want men zaait
Ik wens u ook een zalig 2012 toe. Vooral een jaar waarin u en uw collega’s tot inzicht komen dat het bij jullie zo niet verder kan. Dat jullie in de eerste plaats moeten veranderen en niet de mensen die voor jullie stemmen.

Wat moet een mens daarop zeggen? Mijn partij bestrijdt de praktijk dat parlementairen slechts 20 jaar dienst moeten hebben voor een volledig pensioen. Wij doen dat al vele jaren, meestal staan we allen. Zelf heb ik ondertussen 35 jaar gewerkt, nooit een dag gedopt ....
Veel of niet veel werk? Wie is geïnteresseerd om eens een dagje met mij door te brengen? Dan kan iedereen zien wat wij zoal doen. Laat maar iets weten.
Velen scheren alle politici over dezelfde kam. Zou ik niet doen, maar het is natuurlijk gemakkelijk dat wel te doen. Dan is schelden zoveel makkelijker.

]]>
Cultuurbeleid is geen overbodige luxe. tag:bartcaron.be,2011:/2.1476 2011-12-24T18:19:49Z 2011-12-24T19:43:50Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Boek
Klik hier om de reportage te bekijken

Dat zegt Groen!-politicus en cultuurkenner Bart Caron in zijn nieuwe boek “NIET DE KERS OP DE TAART. Het Vlaams parlementslid was intendant van Brugge 2002 Culturele hoofdstad en staat zelf soms zelf op een podium. Als contrabasist in het ensemble van Willem Vermandere bijvoorbeeld, tijdens het optreden in de Sint-Walburgakerk in Veurne.

]]>
Flikkerende lampjes met 1000den tag:bartcaron.be,2011:/2.1474 2011-12-15T09:48:40Z 2011-12-15T11:02:41Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Sinterklaas heeft amper de rug gekeerd, en we worden al overspoeld door ijspistes, kersbomen, en Weense worstjes met zuurkool. De ene heilige man wordt ingewisseld voor een andere die Kerstman heet. Dat hij dichte familie is van de enige echte Sint, weten we door de Amerikaanse romantische films waarin hij Santa Claus heet. Het is een verbastering van de naam Sinterklaas. Naar het schijnt is hij via Nederlandse emigranten in Nieuw Amsterdam terecht gekomen. En zomaar teruggaan naar Spanje kon hij niet meer op 7 december, zodat de man wel in Amerika heeft moeten blijven. Mijters waren daar niet meteen te krijgen, zodat hij nu met een muts door het leven moet gaan. Zijn verjaardag is langzaam in de vergetelheid geraakt, zodat bij Kerstallures heeft aangenomen.

Je merkt het al goed. Ik wandelde de voorbije dagen verschillende keren langs de kerstmarkt van Brussel, in de omgeving van de Beurs, struikelde gisteren op de Kortrijkse Grote Markt over kabels die de ijsglijbaan bedienen, haper in stations aan onhandig geplaatste kerstbomen, en zie in elke buurt pinkende lichtjes opduiken, met duizenden tegelijk dan nog. Er is geen woonwijk die ontsnapt aan het fenomeen. En zeker al geen winkelstraat. De led-technologie maakt dat soort spullen best goedkoop en nog ook zuinig in verbruik. Mijn ouders hadden een kerstboom mét lampjes, zo’n 25 stuks, denk ik. Het ding stond samen met het kerststalletje in de leefkamer. Elk jaar startten stal en boom in mineur, of liever in het donker. Als er één lampje of een contact kapot was, dan wilde geen enkel lampje branden. Ieder jaar moesten we op speurtocht naar de kapotte lamp: elke lamp uitdraaien en testen tot we de defecte eruit konden halen. En ‘s anderendaags naar de elektriekwinkel achter een nieuw lampje.

Nu strooien we met licht in vele kleuren en vormen, in sluiers, wandtapijten, slingers, in de vorm van een ster met of zonder staart, ijspegelverlichting, lichtgordijn, boomverlichting, lichtslangen, lichtnetten… Sommige mensen denken ongetwijfeld dat er een wedstrijd is uitgeschreven, een prijskamp met aparte prijzen voor ‘om ter meest’ en ‘om ter schoonst’, zelfs per straat en per wijk. Sommige mensen spenderen meer dan de intrest op hun staatsbons aan de eindejaarsversiering. Ik denk soms dat dat vooral mensen zijn zonder kinderen of met hoogstens ééntje. Anders zouden ze hun zuurverdiende spaarcentjes wel aan zinvolle cadeaus voor hun kinderen spenderen.

Niet dat het mij stoort – helemaal niet om eerlijk te zijn – ik ontsnap niet aan de hype. Hoe zou ik ertegen kunnen zijn? Mijn jongste zoon, die nu 15 jaar oud is, hangt nu al vijf jaar na elkaar in toenemende mate een behoorlijk groot volume kerstverlichting op bij ons thuis. Buiten wel te verstaan. Ik heb mij daar in begin zorgen om gemaakt. Als vertegenwoordiger van een groene partij, en daarboven (min of meer) cultuurexpert, zou het gênant kunnen zijn. Ja toch? Dat is toch geen cultuur, maar kitsch, die daarenboven lichtvervuilend en -energieverspillend is. Ik woon gelukkig vrij afgelegen, en er is geen doorgaand verkeer, zodat de kans dat iemand van de politieke vrienden of tegenstanders, het zou opmerken, haast onbestaande is. Alleen de schippers die in het donker op de Leie langs ons huis voorbij varen, zullen ons mooi verstrooid licht opmerken. Maar dat zijn geen dichte drommen.

En toch, ik houd niet van de opgeklopte kerstsfeer. Ik bedoel in winkelcentra en -straten. Zoveel mensen kicken erop. Ze willen genieten van de sfeer, wandelend door versierde straten, genieten van een gluhwijntje op een verwarmd terras. Ik probeer dat nu al jaren, maar het lukt me niet. Dat wijntje, dat kan er in, maar niet op zo’n terras maar bij de kerststal op onze wijk. De enige kerststal met een zwarte Jezus in de kribbe. Niet uit een soort overtuiging van ons wijkcomité, maar omdat de witte poppen altijd gepikt werden, en zwarte blijken liggen. Sic.
Mij krijg je met geen stokken de winkelstraten in. Hoe ik dan aan kerstcadeaus geraak? Ja, een boekenwinkel of een muziekzaak loop ik zo nodig wel binnen, maar ik stuur graag een gezant in mijn plaats. Ik bewonder de winkeliers die hier meer dan een maand lang, van Sinterklaas tot na de solden, die flikkerende lampjes, die kitscherige versiering en die opgeklopte sfeer moeten verdragen, en ondertussen nog moeten proberen hun jaar goed te maken, of toch zo goed mogelijk. Ik ga die dagen leesachterstand ophalen, weggezakt in de fauteuil, genietend. En mooie muziek draaien. Nee, niet Suza Nina en aanverwanten. Ook op dat vlak mag het iets beter zijn. Met een goed glas wijn, dat zeker wel.
Vrede op aarde.

]]>
Ik heb een boek geschreven (echt waar) tag:bartcaron.be,2011:/2.1473 2011-12-07T17:33:59Z 2011-12-07T18:35:00Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Ik wil een blogje over mezelf schrijven. Want ja, ijdel ben ook ik, net als zovele mensen, een kwalijke karaktertrek die je minstens aan politici en kunstenaars kan toedichten. Als er nu iets is waar die twee schijnbaar totaal verschillende soorten homo sapiens verwantschap vertonen, dan is het wel in die ijdelheid.
Serieus nu. Ik heb een boek geschreven. Echt waar. Een boek over cultuurbeleid: ‘Niet de kers op de taart, waarom kunst- en cultuurbeleid geen luxe is’. Het is gisteren uitgekomen. Omdat cultuur belangrijk is. Een samenleving die hier weinig of geen aandacht aan besteedt is immers geen beschaving, maar een zoo. Cultuur is datgene waarin wij verschillen van de dieren, of niet soms?
Het is natuurlijk veel genuanceerder dan dat. Die nuances en vooral de motieven voor een kunst- en cultuurbeleid moet je goed uitleggen. Zoveel mensen menen immers nog steeds dat het ook zonder die gekke artiesten ook wel zou gaan, of toch zonder dat ze subsidies moeten krijgen. Is dat zo? Nee. En dat probeer ik met handen en voeten uit te leggen, nl. wanneer een subsidie nodig en wenselijk is, en ook wanneer niet. En ik probeer uit te leggen waarom kunst en cultuur zo belangrijk zijn voor de samenleving. Dat is voorwaar geen makkelijke klus geweest. Ik heb het geprobeerd omdat dat moet. Omdat je geen beroep kan doen op publieke middelen zonder dat je dat goed kan verantwoorden.
Dat leidt er toch toe dat mijn teksten wat hoogdravend zijn geworden. Ze zijn niet allemaal zo makkelijk om te lezen. Maar het valt wel mee hoor. Ook omdat ik de hoofdstukken afwissel met korte, puntige stukjes. En je hoeft het boek niet chronologisch te lezen. Je mag zappen en scrollen zoveel je wil.

Het boek is eigenlijk het resultaat van vele jaren werken in de cultuurwereld. Van verschillende jobs op, voor en achter het podium. Als programmator, cultuurfunctionaris, muzikant, beleidsmaker, coördinator, vrijwilliger enzovoort. Wellicht is dat uniek, de diversiteit in benaderingen en de verschillende ervaringen. Ik hoop dat u, beste lezer, dat toch zo ervaart. Het is dan ook een boek van iemand met grote liefde voor die cultuurwereld.

Waar ik de tijd heb gehaald, dat is me een raadsel. Of toch niet. Het is als een tocht naar Compostella. Je bent er lang mee bezig, en het werkt louterend. Je mag er even niet bij stilstaan dat het op je familie drukt, je andere activiteiten aantast en je helemaal leegzuigt, maar voor één keer kan dat nog net wel. Ik merk dat de tuin er verwaarloosd bij ligt, dat de familieleden niet zo blij waren met het tijdsgebruik en -gebrek, maar nu toch een beetje fier zijn met het resultaat.

Het is een lang essay geworden, een stevig pleidooi. Met grote liefde geschreven. Liefde voor kunstenaars, voor sociaal-cultureel werkers, voor erfgoedzorgers. Maar niet zonder af en toe stevig / kritisch uit de hoek te komen. Met zelfgenoegzaamheid (dikke nekkerigheid), met hoogdravendheid (gezocht elitarisme) of met wereldvreemdheid (de rug keren naar de samenleving) bouwt de cultuursector geen berg van waardering, maar een toren van babel.

Lezen zou ik zeggen. Je kan het bestellen bij de klantendienst@pelckmans.be,

Bart Caron, Niet de kers op de taart. Waarom Kunst- en Cultuurbeleid geen luxe is. Uitgeverij Pelckmans, 2011, 280 blz., 21,50 euro, ISBN 9789028965867

]]>
Kortrijk en het falend politiebeleid tag:bartcaron.be,2011:/2.1472 2011-11-27T21:48:17Z 2011-11-27T23:01:18Z Bart Caron bart.caron@telenet.be De veiligheidsproblematiek van Kortrijk haalt de voorbije maanden regelmatig het nieuws. Zou mijn stad echt zo’n gevaarlijke plek geworden zijn? Is de Lange Steenstraat te vergelijken met de Ramblas uit Barcelona? Is de Zwevegemsestraat geëvolueerd als Kuregem? Of is er een ernstig probleem met de politie zelf? Is die te laks? Pakt die de zaken verkeerd aan? Of is het parket laks en laat ze de gemelde problemen links liggen?
Een paar feiten eerst. De stad sloot een aantal theehuizen omdat die administratief niet in orde waren of omdat ze ware oorden van drugshandel waren geworden, vooral door dealers van buiten de stad. Dat verantwoordt een krachtig optreden. Dan zijn er een aantal problemen gemeld in enkele straten en pleinen met drugshandel, jongeren die wandelaars lastig vielen ... De fietsendiefstallen aan het station zijn een plaag ... maar geraken niet echt onder controle, ondanks de vele camera’s.

De problemen zijn kenmerkend voor elke centrumstad. Ze zijn er, ze zijn ernstig en moeten worden aangepakt. En er is een roep naar repressief optreden en naar camera’s. En daar knelt het schoentje net het hardst. Ik heb de stellige indruk dat de politiezone Vlas de problemen al jaren op haar beloop heeft gelaten, en nu onder druk van de bevolking en de media kiest voor een eenzijdige, repressieve aanpak. Dat is ronduit slecht politiewerk. Het is spektakelpolitie, opgezet door spektakelpolitici. De politie had al veel eerder, in overleg met justitie, de problemen moeten aanpakken. En parallell een preventieve aanpak had moeten organiseren.
Een harde aanpak moet, als het niet anders kan. Een zachte aanpak moet, waar dat wel kan. Die zachte aanpak kan je ook ‘preventief’ noemen. Daar is de voorbije jaren in Kortrijk weinig of niet in geïnvesteerd. Zo zijn bepaalde buurten verwaarloosd, ook in het politiewerk, en dat trekt kleine criminaliteit aan en veroorzaakt overlast.

De voorbije dagen maakte de stad ook bekend dat ze een reeks kleine misdrijven met een gemeentelijke sanctie zal bestraffen. Ik kan akkoord gaan voor winkeldiefstallen of pogingen daartoe, en zoekgedrag naar drugs dat overlast veroorzaakt. Vandaag worden al administratieve sancties gegeven voor wildplassen, hondenpoep, sluikstorten en het plaatsen van reclameborden zonder vergunning.
Mag ik me ernstig zorgen maken over deze steeds verder uitdeinende Gemeentelijke Administratieve Sancties (GAS)? Zijn ze geen uiting van een wantrouwende samenleving? Van een onmachtige overheid en vooral van een falend politiebeleid? Van dat laatste kan je in Kortrijk geen spoor terugvinden. Er is geen gewoon geen politiebeleid, enkel een ad hocbeleid dat inspeelt, veel te laat, op problemen.
Het bewijs daarvan is dat in de nieuwe regeling vanaf volgend jaar in Kortrijk burgers die politieagenten beledigen, voortaan kunnen bestraft via deze GAS. Ze kunnen dan een boete krijgen van 50 tot 250 euro. Kortrijk is de eerste gemeente die dergelijke inbreuk bestrijdt met een GAS-sanctie. Niet echt om fier op te zijn, als je het mij vraagt. Zou de politie niet beter een beetje meer bezig zijn met de problemen van de burgers in plaats van met zichzelf?

Al dat ge’GAS’ op lokaal niveau is een ware plaag: de kas spijzen en perfect instrument voor normatief beleid en disciplinering van inwoners. Nadenken over achterliggende oorzaken of alternatieve oplossingssporen hoeft niet meer.

Joost Bonte, verantwoordelijke voor het straathoekwerk in Oost- en West-Vlaanderen verklaarde in de krant dat de keuze voor de harde aanpak niet werkt. ‘Het probleem daarbij is dat zo de kleine garnalen aangepakt worden maar de kopstukken ongemoeid blijven. Hoe harder de politie optreedt, hoe vaker grote groepen in opstand zullen komen en zich zullen isoleren. Dat houdt gevaren in. Repressie kan geweld oproepen.’ En kleine criminaliteit, drugsproblemen en andere overlast verschuiven gewoon naar andere straten en buurten.
Hij stelt dat Kortrijk - net als andere centrumsteden - niet goed raad met de nieuwe sociale fenomenen die opduiken, zoals de instroom van inwoners uit de Maghreb-landen of uit Oost-Europa. Hij pleit er voor om - naast de straathoekwerkers - nog meer sociale werkers de straat op te sturen en hen contacten te laten leggen met rondhangende jongeren en volwassenen. Dan kunnen ze horen wat er aan de hand is. Er zijn er voldoende in Kortrijk, maar velen verdoen hun tijd met administratieve taken.’ Zeer juist Joost.

]]>
De dividenden van Pukkelpop ... tag:bartcaron.be,2011:/2.1471 2011-11-21T10:03:31Z 2011-11-21T13:10:34Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Ik schrijf normaal niet over andermans portemonnee. Elke persoon moet zijn eigen rekening maken. Maar als die persoon ook een politicus is, dan is dat toch anders. Hoe rijkdom (of toch de toegang ertoe) verdeeld worden, is een heikele kwestie. Daar ligt de ideologische grondslag van elke discussie over belastingen en inkomens. We accepteren dat we ons persoonlijk niet bemoeien met andermans loon of inkomen. Dat is privé, zo klinkt het. Akkoord. Al kan je mijn inkomen* perfect vinden, zo hoort dat bij publieke personen als politici.
Hoe ver kan je gaan? Het drama op Pukkelpop heeft veel harten beroerd.
Er rees begrip voor de constructie van organisator van Chokri Mahassine om de mensen die een ticket kochten, maar door de ramp niet van de muziek konden genieten, niet terug te betalen, maar de volgende jaren te compenseren via (verhandelbare) drankbonnen. Niet iedereen vindt dat zo correct. Een aantal mensen willen hun geld terug, maar dat wil Pukkelpop niet doen, en kan het naar verluidt ook niet doen, want dan zou het festival failliet zijn. De drie miljoen euro op de rekening van de vzw zou daar niet voor volstaan, en dan heeft het festival in de toekomst geen financiële liquiditeiten genoeg om de artiesten uit te betalen. Dat is een plausibele uitleg. Een faillissement brengt ook niks bij aan onze rockscene.
En toch wringt het een beetje. Ik voel mij er ongemakkelijk bij. De weledele rockmuziek is al lang de kinderschoenen ontgroeid, of liever heeft de sfeer van het idealisme achter zich gelaten. Muziekplezier wordt nu verrekend in harde valuta. Ik vertrouw Chokri wel, al staat hij volgens mij iets te dicht bij dat andere wonder uit de rockwereld, Herman Schueremans, ook een collega uit het Vlaams parlement. Herman Schueremans leidt Live Nation, dat het overgrote deel van de bands levert die optreden op Pukkelpop. Live Nation beheerst immers de internationale markt van de rock en pop. Deze situatie is overigens niet anders voor de andere muziekfestivals in ons land. Monopolievorming is een meer dan dreigend fenomeen op deze markt van muzikaal plezier.

Maar nu is bekend geraakt dat aan de aandeelhouders van het festival een groot dividend is uitbetaald. Qué Pasa, zo heet de vennootschap achter Pukkelpop, heeft in 2010, voor het eerst sinds de oprichting in 1996, een eenmalig dividend uitbetaald. Chokri en zijn echtgenote betaalden zichzelf 882.353 euro uit. Een boos kamerlid van Open VLD meent nu dat Chokri daarvan een deel moet terugbetalen om het festival uit de financiële nood te helpen. Correct? Mahassine vindt het alvast populistisch, aldus de krant De Tijd: ‘Alsof ook alle Dexia-bestuurders hun bonussen van de afgelopen zestien jaar zouden moeten terugstorten’.

Mijn opvoeding heeft me geleerd niet te snel te oordelen, en zeker niet te veroordelen. Ik doe dat dus niet, maar de situatie roept toch veel vragen op. Mijn gewaardeerde collega uit het Vlaams parlement is een sympathieke man, een sociaal-democratische politicus met een grote gevoeligheid voor sociale thema’s, een man met een goede neus voor goede muziek en en een onvolprezen festivalorganisator. Maar in de big business van de rockmuziek overeind blijven met je principes, is zeker niet eenvoudig ... En eerlijk gezegd, ik zou ook niet in zijn schoenen willen staan. Dividend of niet ...

*Zie de website van De Standaard.
(http://www.standaard.be/extra/financieelrapport2009/detail.aspx?persoon=10)

]]>
Reclame op de VRT-radio door Electrabel en Fortis… tag:bartcaron.be,2011:/2.1470 2011-11-15T21:50:03Z 2011-11-15T22:56:04Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Reclamemakers hebben de aangeboren neiging om creatief om te gaan met het verpakken van hun boodschap. Mensen op het verkeerde been zetten, zien ze niet zelden als een welgekomen neveneffect dat de aandacht richt op het merk waarvoor reclame gemaakt wordt.
Nu wil ik allerminst gaan morrelen aan de creatieve vrijheid van deze reclamemakers, maar in sommige gevallen is verwarring scheppen tussen feiten en promotie toch wel nefast. Dit geldt zeker voor radioreclame, en al helemaal voor radioreclame op de openbare omroep.
Het lijkt een trend te worden om reclameboodschappen te verkopen als iets redactioneels. Nogal wat weekbladen maken daar een gewoonte van. Het onderscheid tussen redactionele stukken en publi-artikels is vaag, sommige uitzendingen op de regionale tv zijn dat evenzeer.

Maar op de openbare omroep, onze VRT zou je duidelijkheid verwachten. Maar .... Sinds kort horen we regelmatig een reclamespot van Electrabel die in interviewvorm enige ‘feiten’ over kernenergie en de veiligheid van de kerncentrales duidt. Gegoochel met namen van overheidsinstanties versterkt nog de indruk dat het om informatie gaat, eerder dan om promotie.
Moeder van het genre is echter de zogenaamde ‘rubriek business-info’ die elke avond voor het nieuws van 20 uur te horen is op Radio 1. BNP Paribas Fortis biedt de luisteraar elke dag anderhalve minuut informatie voor zakenmensen, in verband met financiën, fiscaliteit, erfrecht of dies meer. Serieuze zaken verpakt als objectieve zaken.
Deze ‘rubriek’ vult bovendien telkens het volledige reclameblok, waardoor hij nog minder reclame blijkt te zijn.

Kortom de verwarring met de redactionele onafhankelijkheid en objectiviteit wordt steeds vaker doelbewust opgezocht. Vanuit marketingoogpunt een verdienstelijk streven naar grotere impact van de reclame, maar voor mij een gevaarlijke tendens die maar beter enige opvolging verdient.
Decretaal is bepaald dat er geen verwarring mag geschapen worden. “Radioreclame moet duidelijk herkenbaar zijn en moet kunnen worden onderscheiden van redactionele inhoud”. Daarnaast, of net daarom, worden afzonderlijke reclamespots ook als uitzonderlijk beschouwd, bijvoorbeeld wanneer er niet meer reclames verkocht worden.

Ik wil uitleg krijgen van mediaminister Ingrid Lieten. Zij, of liever haar VRT en de VAR moeten waken over de inhoud van de reclamespots. De grens tussen reclame en informatie moet toch herkenbaar zijn? Ik vraag me ook af of er de voorbije jaren spots geweigerd werden om die reden. En vooral: hoe is het mogelijk dat een bank het alleenrecht blijkt te hebben op het reclameblok van even voor achten ’s avonds op Radio 1?

]]>
.. tag:bartcaron.be,2011:/2.1467 2011-11-04T14:18:49Z 2011-11-06T18:16:51Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Niet de kers op de taart - Waarom kunst- en cultuurbeleid geen luxe is

Het is bekend, de steeds terugkerende opmerkingen dat cultuur wel fijn is, maar niet zo nodig als pakweg goede wegen of gezondheidszorg. Cultuur is versiering en toevoeging, maar geen fundering noch noodzaak.
Het overkomt mij zo vaak, op een etentje met vrienden, tijdens de toertocht met de wielerclub, aan de cafétoog, in de winkel of op de trein, dat mensen mij vragen of dat geld voor cultuur wel goed besteed is. Die artiesten toch, toffe mensen, maar wij moeten ze toch niet onderhouden met onze belastingen?!
Overdreven? Niets is minder waar. Zelfs hoogopgeleide Vlamingen twijfelen aan de meerwaarde van een kunst- en cultuurbeleid. Nog steeds leeft de gedachte dat kunst en cultuur zoiets zijn als de kers of de slagroom op de taart. Het is best lekker maar met wat minder kan het ook.
Daarom heb ik dit boek geschreven. Ik wil uitleggen waarom cultuurbeleid helemaal geen luxe is, maar noodzaak. Ik deed dat uit bewondering voor kunstenaars en culturele werkers. Wat zij doen is het summum van menselijk kunnen. En uit respect voor het publiek: de ongelooflijke gewaarwordingen die zij de participanten leveren, zijn op geen enkele andere manier te realiseren.
De centrale vraag ‘Waarom cultuurbeleid geen luxe is?’, lokt veel bijkomende vragen uit. Ik verdedig in mijn boek de stelling dat een cultuurbeleid tegelijk regulerend, marktcorrigerend en marktversterkend is. Ik ga in op de cultuurparticipatie, elitaire kunst en democratisering, een divers cultureel Vlaanderen. Er is aandacht voor de stille sociaal-culturele (r)evolutie, voor kunsten en sociaal-artistiek werk, en voor het onroerende erfgoed. Ik sta ook stil bij de vraag of besparen in cultuur wel kan.
Dit is een essay over ‘motieven en redenen’ van cultuurbeleid. Het is een uitgebreid essay, gelardeerd met ironische, puntige stukjes. Over contrabas spelen, over de duisternis in de (beeldende) kunsthuizen, over archeologie, over televisie en over het nieuwe circus, en nog veel meer.

Het boek verschijnt op 5 december 2011
Bestellen? Stuur een mailtje.

]]>
Autonomie kinderrechtencommissaris en Vredesinstituut beknot tag:bartcaron.be,2011:/2.1469 2011-11-04T13:15:13Z 2011-11-04T16:21:14Z Bart Caron bart.caron@telenet.be Sinds 1996 heeft Vlaanderen een eigen rechtstreeks verkozen parlement. Het Vlaams parlement had vanaf het begin de ambitie een moderne instelling te worden. Het parlementsgebouw straalde openheid en betrokkenheid uit. Vlaanderen in de wereld. Het Vlaams parlement een glazen huis.

De parlementaire werking werd open gegooid. Bezoekersstromen dienden zich aan, hoorzittingen en verzoekschriften werden regel. De burger zou nauw betrokken worden bij het nieuwe parlement. En er werd gekozen voor onafhankelijke instellingen die de werking van de parlementsleden zouden versterken.

In het verlengde van de affaire-Dutroux en de nood aan zorg voor kinderrechten, kwam er een Kinderrechtencommissaris en een hele werking om de rechten van kinderen te verzekeren. In het verlengde van de schandalen rond wapenleveringen en de overheveling van wapenhandel naar de gewesten kwam er het Vlaams Vredesinstituut dat de kwestie van de wapenleveringen zou opvolgen, maar ruimer ook een emanatie zou zijn van de vredeswil van de Vlaamse burgers.

En om een antwoord te geven op de toenemende vragen rond maatschappelijke effecten van technologie-ontwikkeling kwam er een instituut dat zich specialiseerde in de relatie tussen samenleving en technologie, toekomstgericht studiewerk verrichtte en vooral aandacht had voor het sterker betrekken van burgers bij de technologische ontwikkelingen in Vlaanderen.

Het Vlaams parlement wilde zich meten met andere parlementen en tot de wereldtop behoren als het erom ging om op een vernieuwende wijze vorm te geven aan de parlementaire democratie in Vlaanderen.

Maar vandaag wordt de klok helemaal terug gedraaid. Het Vlaams parlement bouwt haar paraparlementaire instellingen af. Het Vlaams Vredesinstituut (VVI) moet de activiteiten inbinden, het Kinderrechtencommissariaat (KRC) wordt de vleugels afgeknipt, het Instituut voor Samenleving en Technologie (IST) wordt zelfs helemaal opgedoekt.

Zo toont Vlaanderen zich van zijn kleinste kant. De voorzitter en het bureau amputeren hun eigen instelling. Het parlement verlaagt zich zelf tot een assemblee van lilliputters. Nieuwe ideeën, inbreng van burgers, toekomstvisie en interactie: het is allemaal niet meer nodig.

Op het moment dat overal ter wereld overgeschakeld wordt naar nieuwe vormen van democratiebeleving, naar democratie 2.0, schakelt het Vlaams parlement in achteruit, naar een parlement dat eerder thuis hoort in de tijd van “la Belgique à papa”…

Zijn kinderrechten, vrede en bewapening, effecten van de technologie vandaag geen belangrijke thema’s meer? Zijn de problemen van de baan? Is er geen wapenexport meer uit Vlaanderen? Is er geen nood meer aan vredeseducatie? Zijn er geen schendingen meer van kinderrechten? Geen kinderen en jongeren die eronder door gaan? Is er geen nood meer aan maatschappelijk debat over de impact van technologie? Het lijkt zo te zijn, want het parlement schaft het IST af en onthoofdt het KRC en VVI!

Het begon zes maanden geleden al toen er in de schoot van het Vlaams parlement een werkgroep werd opgericht om de zogenoemde paraparlementaire instellingen te hervormen. Snel bleek hoe de eigenlijke agenda er uitzag. De instellingen werden door de politieke rechterzijde gezien als blokken aan het been van het parlementaire werk. Immers, ze publiceren rapporten, organiseren studiedagen en andere evenementen waarin ze de problemen aan de orde brengen.

Tja, als blijkt dat er adviezen komen die aantonen dat Vlaanderen alsnog veel wapenspul uitvoert, ook naar risicolanden; als blijkt dat veel kinderen mateloos onder druk staan; als blijkt dat nog heel veel Vlamingen niet participeren aan de digitale samenleving of dat technologische risico’s niet ernstig genomen worden ... dan is dus niet belangrijk meer.

En dus kunnen we best af van die lastige instellingen. Want ja, wat blijkt? Het zijn vooral progressieve en sociaalvoelende politici die de rapporten bezigen om het beleid mee te bevragen. Ook het maatschappelijk middenveld put uit dat materiaal voor eigen activiteiten en beschouwt hen als medestander in de strijd om kinderrechten, in het pacifistisch streven, in technologische innovatie enz.

Deze drie paraparlementaire instellingen waren autonoom. Ze zijn weliswaar ingebed in het grote huis van het Vlaams parlement, maar hebben een eigen rechtspersoon en ze kiezen zelfstandig, weliswaar in een eigen raad van bestuur of comité, hun thema’s. Die specifieke positie is er net gekomen omdat ze op hun delicate werkterreinen in alle autonomie moeten kunnen handelen. Niet aangestuurd door de uitvoerende macht (de regering), noch door de industrie, noch door andere belanghebbende partijen.

Wereldwijd stonden deze instellingen daarom model. Het Vlaams parlement had zin voor durf en innovatie getoond. Tot vandaag dan toch.

Want nu blijkt dat die autonomie effectief leidt tot kritisch materiaal, dan beginnen de machtspartijen te schuiven op hun stoel. Het is al een tijdje aan het gisten. Nu werd de stok gevonden om de hond te slaan. Het mantra van de besparingen werd aangeheven.  Het IST wordt opgedoekt en de autonomie van het VVI en het KRC wordt zwaar beknot. Het bureau van het Vlaams parlement beslist nu welk onderzoek ze nog mogen doen.

Het leek allemaal zo veelbelovend ooit. Wat we zelf doen, doen we beter. Droevig. De voorzitter van het Vlaams parlement klopt zich stoer op de borst omdat hij zijn eigen instituut ontmantelt en zwakker maakt. De Vlaamse regering is weer enkele pottenkijkers kwijt. En het Vlaams parlement ziet haar eigen ster verder tanen. Wordt nog meer een huis van inteelt en navelstaarderij.

Arm Vlaanderen.

]]>
Afscheidsbrief aan Emmanuel de Bethune tag:bartcaron.be,2011:/2.1468 2011-11-04T09:54:30Z 2011-11-04T14:13:31Z Bart Caron bart.caron@telenet.be dag burgemeester,

Je bent gestorven. Ik schrok toen ik werd gebeld. Je was al een dagje ouder, maar nog zo aanwezig. Voor mij was je nog steeds elke dag een deeltje van mijn leven. Misschien geloof je dat niet, maar het is echt wel zo.
Een broekje was ik toen ik dienst kwam bij jou. Ik kwam niet bij jou in dienst, maar bij de gemeente Marke, maar dat is eigenlijk hetzelfde, is het niet? Ik kwam, in dienst op 1 december van 1976, een maand voor de fusies van gemeenten. Dat je dat nog voor mekaar kreeg, was een krachttoer. Maar je wou absoluut nog twee mensen aanwerven voor je Ontmoetingscentrum en de openbare bibliotheek. En je deed dat dan ook. Want zo was je ook, als je iets wilde, dan duwde je door. Er was een politiek verdeelde gemeenteraadszitting voor nodig. Maar ja, een maand voor het verdwijnen van die raad was partijtrouw diep weggezakt. De democratie vierde even hoogtij, en jij kreeg je zin. Je wierf een broekje aan, of liever een idealist van het hippie-type. iemand die toch alleszins niet in jouw politieke hoek kon gesitueerd worden. En toch deed je dat. Ik heb dat van uit een rationeel oogpunt nooit begrepen, maar wel steeds gewaardeerd. Ons raakvlak was het geloof in de democratisering van kunst en cultuur, in het belang van het verenigingsleven, in cultuurparticipatie. Ik kreeg alle ruimte om die doelen te helpen realiseren.
Achteraf begreep ik het beter. Sommigen noemden je de rode baron omdat je openbaar initiatief huldigde - denk aan de WVEM, elektriciteitsproducent en -verdeler - ook in het culturele leven kende je een uitdrukkelijke rol toe aan de overheid, die van schepper van goede randvoorwaarden zoals de bouw van culturele infrastructuur, wat onder meer resulteerde in het netwerk van OC’s in de Kortrijkse deelgemeenten om cultuur dicht bij de mensen te brengen, maar ook om aanvullend cultuuraanbod te brengen. Ik heb die gedeelde overtuiging mijn hele leven meegedragen. Ik heb later, op het kabinet van de cultuurminister, met deze principes cultuurbeleid gevoerd. Je, of liever onze gedeelde visie, heeft de grenzen van Marke en Kortrijk ver overstegen. Het werd een model voor Vlaanderen.

Ik merk dat ik ik je in deze brief met ‘je’ aanspreek, iets wat ik, burgemeester, mijn hele leven nooit heb gedaan. Mag ik dat nu? Toen hoorde dat ook niet. Maar ondertussen heb ik het ook redelijk ver gebracht in het land van de cultuur (en de politiek), is het niet? Heb ik de keuze die je toen voor mij maakte beschaamd? Nee hoop ik toch?

Je woonde trouwens op een prachtige plek, dat kasteelpark van jou is een droomlocatie. Ik ben er zo vaak geweest toen ik als cultuurfunctionaris nog voor de stad Kortrijk werkte. ‘s Ochtends naar jouw private kantoor in de zijvleugel van het kasteel, eigenlijk in het koetshuis en de verbouwde stallingen. Ik voelde dat aan als een feest, het bezoek aan de locatie (het park en het kasteel) en de gelegenheid om face tot face vragen en probleempjes van het beleid te bespreken.

We hadden, vreemd genoeg misschien, nog wel meer raakvlakken. We deelden de zorg voor het roerend en onroerend erfgoed. Je koesterde de geschiedenis. En je koesterde papier. Boeken en tijdschriften over onze provincie. Ze gaan samen. Ik was blij dat ik op Vlaams niveau mee kon werken aan een regelgeving om private stichtingen mogelijk te maken. Ik hoop dat daardoor de unieke archief- en bibliotheekcollectie van de familie de Bethune als één erfgoedgeheel kan worden bewaard. Jullie privébezittingen gaan me niet aan, maar het is zo’n collectie die de hele samenleving ten nutte is. Je hebt aan je kinderen en familieleden wel gezegd dat ze er goed moeten voor zorgen.

Ik ben toch één keer heel kwaad op je geweest. Dat was in 1995, niet eens zo lang geleden dus. Toen je een nieuwe directeur Cultuur wilde aanstellen. Je kondigde dat al jaren daarvoor aan, zodat de interne kandidaten op tijd aan de voorwaarden konden voldoen, onder meer het halen van een universitaire graad. Ik haalde die ook, als werkstudent dan nog, een prestatie waar ik eigenlijk wel fier over ben. Maar finaal benoemde je iemand anders, die het diploma niet had. Ik solliciteerde elders en vertrok. ‘Wie in het leven iets wil bereiken moet niet in Kortrijk blijven hangen’, zei je toen. Brussel, daar moet je zijn, daar worden de beslissingen genomen die er toe doen.  Je moet die sprong durven wagen en de stad Kortrijk verlaten. Ik was boos, weet je beste burgemeester. Zo’n flauwekul, enfin zo kwam dat toen over. Maar nu, dik vijftien jaar later, moet ik je helemaal gelijk geven. Ik waagde de sprong, en sedertdien heb ik de mooiste dingen mogen beleven. De VVSG, Brugge 2002, kabinet Cultuur, Vlaams parlement ....  Mijn boosheid is mijn geluk gebleken. Dat verdient een merci. Gelukkig was me dat al veel vroeger duidelijk geworden. De boosheid was al lang weggeëbd. We hadden nu en dan nog contact en de relatie bleef hartelijk.

Ik had die ‘merci’ graag zelf uitgesproken. Die was sedert gisteren gepland. Gisteren, uitgerekend gisteren kreeg ik een mail van ‘E. de Bethune’. Ik was aangenaam verrast. Je secretaresse schreef het bericht: op vraag van Sabine de Bethune.‘Volgens haar hebt U een boek geschreven (of is het nog in de maak) i.v.m. cultuurbeleid. Ze zou graag een exemplaar bestellen voor haar vader Emmanuel. Indien U het zou kunnen opdragen aan haar vader en signeren zou zij dit zeer op prijs stellen.’
Ik was het zo graag zelf komen brengen om toch nog bedankt te kunnen zeggen.

Hartelijk en nog eens bedankt voor de kansen,

Bart
ex-cultuurfunctionaris en Markenaar

 

]]>