bartcaron.be

Opbouwen om af te breken?

Ingediend op december 26th, 2012 door bartcaron

Over de waardering voor (autonome) kunst

Mogen we even weg van de discussie over het Bollekesplein? Goed dat Bart De Wever zijn pleinvrees probeert te bestrijden. Hij bewijst echter eens te meer dat agorafobie niet zoiets is als zwaarlijvigheid. Hij geraakt er niet makkelijk van af. Uitpakken met Max Weber, Nietzsche, Hoffman of Wagner staat chique, maar het is geen garantie op een artikel met een grote samenhang. Bij zo’n stuk geldt als eerste regel: houd cultuur en kunst aub uit elkaar, en vermeng dat vervolgens niet nog verder met kunst- en cultuurbeleid.

Ik wil ik in dit stuk stilstaan bij de intrinsieke waarde van kunst en bij de al dan niet vermeende mythe van de autonomie van kunstenaars. Vooraf wil ik toch even afrekenen met de uitspraak dat we in onze postmoderne tijd enkel nog hoogst individueel waarde toekennen maar ook bang zijn om waarde toe te kennen, ook aan kunst. 
Krijgt kunst dan geen hoge waardering in de samenleving? Kijk eens naar de zorg voor kunstwerken, zeker voor de topstukken uit de kunstgeschiedenis. Even testen? Hoeveel mensen zouden pleiten voor de afbraak van de Acropolis om te plaats te maken voor een appartementsgebouw, voor de verkoop van de piramide van Cheops aan een evenementenorganisator, voor de afbraak van het Colosseum in Rome om plaats te maken voor een parkeergebouw? Wie pleit voor de verkoop van de collectie van pakweg het Muhka en KMSKA, musea van de Vlaamse Gemeenschap in Antwerpen?
Hoe actueler kunst is, hoe meer die omstreden is. Dat is van alle tijden. Zo dateert de erkenning van architectuur van bij- voorbeeld Renaat Braem, adept van Le Corbusier en de belangrijkste figuur van het naoorlogse modernisme, pas van het begin van deze eeuw. Zijn belangrijkste werken werden beschermd vanaf 2002, het rectoraatsgebouw van de VUB pas in 2007. Maar vaak ook, hoe verder de kunstuiting afstaat van de bekende westerse (Europese) patronen, hoe lager de waardering, of liever de waardetoekenning.
Het probleem is niet dat er waardering is, maar wel dat actuele en andere kunst tijd nodig heeft, tijd om al dan tot de canon te behoren, en tijdens dat proces is er nood aan meningsverschil, aan discussie, aan recensie, aan confrontatie met het publiek … Maar daar meteen de gedachte aan koppelen dat hedendaagse kunstenaars en kunstliefhebbers het artistieke verleden afwijzen of ontkennen, is nonsens.

Heeft kunst dan geen intrinsieke waarde? Ik ga leentje buur spelen bij Boekman, een Nederlandse tijdschrift over cultuurbeleid, dat aan het belang van kunst een volledig nummer wijdde. Het raadsel rond de intrinsieke waarde, zo heet het artikel van Anita Twaalfhoven. Het belang van kunst schuilt in de eerste plaats in de omgang met de kunst zelf. We gaan niet naar het theater of het museum om slimmer of socialer te worden. We luisteren niet naar muziek om de werkgelegenheid van musici te bevorderen. Een Amerikaans (!) onderzoek kenschetst de intrinsieke effecten van kunst als ‘that we are carried away from the familiar and drawn to the unknown’. In kunst draait het niet alleen om de herkenning van het bekende, maar vooral om het verkennen van het onbekende. Kunst verlegt grenzen en verruimt de horizon van het publiek, omdat kunstwerken het mogelijk maken ervaringen op te doen die in het eigen leven niet voorhanden zijn. Ze brengen het publiek in contact met beelden, personages, geluiden, gebeurtenissen, die het anders niet of minder snel tegen zou komen. Komt iemand in zijn dagelijks leven een David van Michelangelo tegen of de danspatronen van Rosas? De verhalen van Erwin Mortier, de films van David Claerbout, hoe realistisch ze ook zijn of lijken, confronteren ons met onze leefwereld en onze ervaringen.

Maar misschien kon Bart De Wever ook teruggrijpen naar een Vlaams decreet? De memorie van toelichting van het Kunstendecreet geeft meteen aan waarom de kunsten zo belangrijk zijn.
‘In onze samenleving nemen kunsten(aars) een uitzonderlijke plaats in. Op de meeste uiteenlopende wijzen geven ze vorm aan een hoogst persoonlijke perceptie van (aspecten van) het leven. Juist in die benadering schuilt vaak de universele kracht van hun boodschap. Ondanks dat vaak hoogst persoonlijke karakter van hun werk houden de kunsten(aars) de wereld een spiegel voor. Of het nu om een video- installatie, een theaterstuk, een gedicht of een muziekcompositie gaat, op een of andere manier appelleert de kunstenaar aan de samenleving en haar burgers. Door hun creatieve kijk, interpretatie en inzicht, door een anders omgaan met de werkelijkheid geven de kunsten(aars) ons een ander beeld op wat wij als werkelijkheid ervaren. De kunstenaar kan – mits voorwaarden en mogelijkheden – als schepper en mediator én als medeburger met zijn werk een belangrijke rol spelen, zowel voor de verrijking van het individuele bewustzijn van zijn publiek, als voor het ontwikkelen van visies op maatschappelijke tendensen. Daarom verdienen de kunsten(aars) een bijzondere plaats in het cultuurbeleid.’
Het kunstwerk is als het ware een voertuig waarmee de mens over verkenning, ontdekking en avontuur kan, aldus Anita Twaalfhoven. Kunstwerken bieden ook een inkijk in de innerlijke wereld. En waar de realiteit van alledag tekortschiet, kan kunst een oplossing bieden als uitlaatklep of klankbord voor opgekropte gevoelens, onvervulde wensen of onbenoembare gedachten. Zo slaat kunst mogelijk een brug tussen een innerlijke wereld en de buitenwereld.
Ivo van Hove formuleerde het zo mooi in zijn Machiavellilezing. ‘De kunst als zuiveringsstation van onze samenleving. In onze theaters kunnen we ongestraft gadeslaan hoe Macbeth een bloedbad aanricht om zijn macht te consolideren, hoe Medea uit redeloze wraak haar kinderen doodt. In het theater beleven we hoe Romeo en Julia zoveel van mekaar houden dat ze zich als lemmingen de dood in storten. Wij gaan naar onze theaters om te beleven waar- voor we in ons dagelijkse leven angst hebben of waarnaar we intens verlangen.’

Zijn kunstenaars ‘omkoopbare hovelingen’, en dus nooit autonoom omdat ze afhankelijk zijn van wie bereid is ze te financieren? En is de vorming van moderne staten daar de cynische uiting van? Immers, overheidssteun in de vorm van subsidies is kenmerkend voor moderne staten. Was Johann Sebastian Bach daarentegen niet in dienst als hofmusicus en als kapelmeester bij graven en hertogen, als cantor in muziekscholen? In de meeste gevallen waren dit eigenlijk ook publieke middelen. De kunstenaar was echter niet vrij noch autonoom. Hij werkte in opdracht en in een opgelegd ritme. Het liturgisch jaar zorgde voor een grote werkdruk. Zeldzaam verwierf een musicus een eigen inkomen onafhankelijk van kerkelijke of burgerlijke leiders. Langzaam groeide de rol van de overheid. Het ging samen met het verlangen naar een grotere autonomie van de kunsten en de kunstenaars. In een dergelijke visie ondersteunt de overheid wel de kunstenaar, maar blijft ze wel op afstand. Het is in de (post)moderne tijden een ongeschreven wet geworden, maar ook een bewijs van een volwassen cultuurbeleid, dat de politiek zich niet mengt in de inhoud van het artistieke gebeuren. De autonomie van kunst en cultuur wordt maximaal gegarandeerd. De politiek laat de waarde van kunst beoordelen door experts. De politiek oordeelt niet zelf.
Kunst is trouwens vaak kritisch voor de heersende orde. Het behoort bij haar wezen, bij de drang om dingen en gebeurtenissen te bevragen en te onderzoeken.
Er zijn vele landen waar kunst in het verleden werd gecensureerd (gebannen als Entartete Kunst) of waar beperkingen werden opgelegd (sociaal-realisme). Het Librorum Prohibitorum (de index of lijst van verboden boeken) die de katholieke kerk had ingesteld, werd pas in 1966 afgeschaft. Subsidies afpakken van organisaties en activiteiten die kritiek leveren op de politieke situatie is zich op het glibberige pad van de impliciete censuur begeven.

Autonome kunst is vaak kritische kunst. Mag kunst alleen ver- strooien of behagen? Braafjes en ongevaarlijk. Of mag kunst ook onze gedachten en meningen in opperste verwarring proberen te brengen? Mag kunst, al dan niet gewild, een engagement uitdragen? Vaak zijn kunstenaars maatschappelijk geëngageerd, ook al is dat niet noodzakelijk expliciet. Met een boutade kun je zeggen dat een samenleving die zijn kunstenaars vrije baan geeft, en die bij wijze van spreken zelf de kritiek op het eigen bewind subsidieert, blijk geeft van haar hoge graad van beschaving. Is Vlaanderen ook niet de regio die het (sociaal-culturele) verenigingsleven koestert, net omwille van de emancipatorische kwaliteiten ervan? Ook dat is geen verhaal van bevestiging en assimilatie, maar eentje met weerhaken.

Autonomie, daar had ik het over. De overheid die kunst en cultuur ondersteunt, via subsidie of infrastructuur, bevindt zich in een andere rol dan de overheid van de voorbije eeuwen, die handelde als opdrachtgever.
Dat de kunsten vaak geïnstrumentaliseerd worden, is een feit. Bijdragen tot Identiteits- en gemeenschapspolitiek, sociale cohesie versterken, city- en andere marketing … Als het maar nevendoelen blijven, tot daar aan toe. Zolang de ondersteuning van de kunsten maar niet afhankelijk worden gemaakt van maatschappelijke effecten, van bepaalde cultuurpolitieke idealen, van de bijdrage van kunst aan allerlei andere beleidsterreinen. Dat zou pas afbreken zijn.

Ingediend onder bart schrijft, mijn gedacht Reacties uitgeschakeld voor Opbouwen om af te breken?





 

Nieuws

We moeten af van ‘middeleeuwse’ overdracht van jachtrechten

Alternatieven voor dierproeven

Het ‘kleine’ parlementaire werk. Recente voorbeelden: Geluidshinder kusttram – Hakhoutbeheer – Restauratiepremies Onroerend Erfgoed – Beschermde landschappen

Ketnet wil zender voor allerkleinsten, “Legitieme vraag en begrijpelijke ambitie”

Gereglementeerde boekenprijs unaniem goedgekeurd door Vlaams parlement

Wat liep er fout met de bescherming Villa Slabbinck? (Brugge)

Groen verwelkomt Bellegemse windmolens, maar vraagt ‘windplan’ voor regio Kortrijk

Groen wil geen sloop hoekhuis Kasteelkaai-Belfaststraat.
Hoog tijd voor een Kortrijkse visie op erfgoed!

Woede van boeren terecht, maar alleen ander landbouwmodel geeft boeren een zekere toekomst.

Provinciebestuur W-Vl verliest vele (culturele) instellingen

Bart Caron : “Overdracht cultuurbevoegdheden provincies is een wangedrocht !”

Leve Mest-Vlaanderen

Nog geen bescherming poldergraslanden

Nog redders aan de kust?

Brugge weert plooifiets uit overheidsgebouwen

De Leie of het Kanaal naar Roeselare: Groen wil meer binnenvaart

Kortrijk Airport, milieuvergunning aangepast?

Wanneer faire prijzen voor landbouwproducten?

Kortrijk heeft de bus gemist

Burgerkabinet ontslaat Gatz niet van plicht om al bestaande inspraak te versterken

Steeds meer monumenten wachten op broodnodig onderhoud. Ondertussen verkrotten ze

Freya Piryns voorgedragen als vertegenwoordiger in de Raad van Bestuur van de VRT

Regering krimpt beloofde natuurgebieden langs de Leie sterk in

Bruggen in Kortrijk, werkende verlichting op de fietspaden is een brug te ver…

LAR-zuid, woordbreuk van de stadscoalitie

Informatie, diverse sporten en cultuur moeten prioriteit VRT blijven

‘Gemeenteraad is wachtzaal voor wie schepenambt wil’

Persmededeling: Groen maakt werk van versterking West-Vlaamse open ruimte.

Persbericht: 5 Groene werven voor een impuls in West-Vlaanderen.

Vlaamse regering bedreigt toekomst Vlaamse fictie